WHO WE ARE SERVICES RESOURCES




Most recent stories ›
AgroInsight RSS feed
Blog

European deserts, coming soon June 11th, 2023 by

Nederlandse versie hieronder

Not a single day passes without news of the increasing challenges farmers face in Europe and in much of the world. Rainfall has become more erratic and intense, and heatwaves are becoming the new normal. We should all be concerned about the speed at which climate change is affecting our planet. How we decide to live, what to eat, where to source our food, and how we spend our leisure time cut across all of society: agriculture, industry, tourism, transport, as well as urban planning and rural land use.

According to the main Spanish farmers’ association, the Coordinator of Farmers’ and Livestock Owners’ Organizations (COAG), drought affects 60% of Spain’s countryside and has destroyed crops across 3.5 million hectares. This is more than double the farm land we have in Belgium and six times that of Flanders.

Three years of very low rainfall and high temperatures have put Spain officially into long-term drought. This year, losses are not limited to wheat, barley and maize, but also expected for nuts, orchards, vineyards, olives, sunflower and vegetable farming. As vegetation is scarce, bees are failing to make honey. Beekeepers are facing a third consecutive season without a harvest. According to a recent CNN article Disappearing lakes, dead crops and trucked-in water, these conditions point to a new reality for parts of Europe, which is warming twice as fast as the global average.

Farms are not the only places in trouble. Municipal water systems are dryer across much of southern Europe. In Italy, in April this year extreme drought was already affecting Lombardy and Piedmont, with 19 towns experiencing the highest level of shortage. Some places have already started receiving water in tanker trucks.

As it takes 15,000 litres of water to produce 1 kilogram of beef and 3,000 litres of water to produce 1 kilogram of cheese, it is no wonder that livestock farming is also at risk. After all, farmers need pasture to feed their animals. When a choice has to be made between ensuring drinking water for its citizens or irrigating pasture and crops to feed animals, governments usually favour cities over farms, but countries need both.

Often governments come up with short-term solutions, such as asking people to stop watering their lawns or washing their cars, instead of planning for long-term measures to conserve water. Different food and fodder crops (and combinations) need to be promoted; more trees and living hedges need to be planted in and around fields to reduce evaporation by the hot sun and dry winds. Above all, measures are needed to store more carbon in the soil.

Enabling citizens to have online access to real-time monitoring of the depth of the groundwater, a natural resource that is invisible, could help to sensitise all of us about the need to conserve water.  Groundwater drops quickly due to continuous pumping yet rises only slowly as it is recharged by rainwater from the surface. While monitoring is needed, let us not be naïve and think that when the groundwater table is recharged, households, industry and farming can go back to using water in an unlimited way. Already in rural Belgium, even though we had the wettest spring since records began to be kept in 1833, in the countryside we see many old oak trees suffering from the three previous years of water and heat stress.

In many European countries, agricultural lobby groups aggressively sustain their opinion that the livestock sector should not shrink in order to survive. With all that is happening, how long will they be able to continue taking such an unrealistic position? Animals can be properly fed with technologies that use water and fossil fuels more efficiently , but technological solutions also have their limitations. If lobby groups do not help their members to adapt, the climate will soon dictate what is possible and what is not. The changes we see in southern Europe should set off alarms in the north as well.

If we are unable to quickly and drastically curb greenhouse gas emissions and invest in an agriculture that helps to cool the planet, rather than deplete its natural resources, we will soon no longer need to fly to the Sahara to see a desert. Climate refugees will come from Southern Europe, and we will scratch our heads and wonder why many of our favourite food products are no longer available or affordable.

Sources

Bertelli, Michele. 2023. ‘No water, no life’: Drought threatens farmers and food in Italy. https://www.context.news/climate-risks/no-water-no-life-drought-threatens-farmers-and-food-in-italy

CNN. 2023. Disappearing lakes, dead crops and trucked-in water: Drought-stricken Spain is running dry. https://edition.cnn.com/2023/05/02/europe/spain-drought-catalonia-heat-wave-climate-intl/index.html

Related Agro-Insight blogs

The times they are a changing

Capturing carbon in our soils

Gabe Brown, agroecology on a commercial scale

Hügelkultur

Rotational grazing

Soil for a living planet

A revolution for our soil

Recovering from the quinoa boom

From soil fertility to cheese

Creativity of the commons

Killing the soil with chemicals (and bringing it back to life)

The nitrogen crisis

Farmer learning videos on adaptation to climate change

Improved pasture for fertile soil

Rotational grazing

Living windbreaks to protect the soil

Mulch for a better soil and crop

Hydroponic fodder

Intercropping maize with pigeon peas

Growing azolla for feed

Water users’ associations

Drip irrigation for tomato

Pitcher irrigation

 

Europese woestijnen, binnenkort

Er gaat geen dag voorbij zonder nieuws over de toenemende uitdagingen waar boeren in Europa en een groot deel van de wereld voor staan. Regenval is grilliger en intenser geworden en hittegolven worden het nieuwe normaal. We zouden ons allemaal zorgen moeten maken over de snelheid waarmee klimaatverandering onze planeet beïnvloedt. De manier waarop we besluiten te leven, wat we eten, waar we ons voedsel vandaan halen en hoe we onze vrije tijd doorbrengen, heeft invloed op de hele maatschappij: landbouw, industrie, toerisme, transport, maar ook stadsplanning en landgebruik op het platteland.

Volgens de belangrijkste Spaanse boerenorganisatie COAG treft de droogte 60% van het Spaanse platteland en heeft het gewassen vernietigd op 3,5 miljoen hectare. Dat is meer dan het dubbele van de landbouwgrond in België en zes keer zoveel als in Vlaanderen.

Drie jaar van zeer weinig neerslag en hoge temperaturen hebben Spanje officieel in langdurige droogte gebracht. Dit jaar blijven de verliezen niet beperkt tot tarwe, gerst en maïs, maar worden ook verliezen verwacht voor noten, boomgaarden, wijngaarden, olijven, zonnebloemen en de groenteteelt. Omdat de vegetatie schaars is, lukt het bijen niet om honing te maken. Imkers worden geconfronteerd met een derde opeenvolgend seizoen zonder oogst. Volgens een recent CNN-artikel Verdwijnende meren, dode gewassen en aangevoerd water wijzen deze omstandigheden op een nieuwe realiteit voor delen van Europa, dat twee keer zo snel opwarmt als het wereldwijde gemiddelde.

Niet alleen boerderijen hebben problemen. Gemeentelijke watersystemen drogen in een groot deel van Zuid-Europa uit. In Italië werden Lombardije en Piemonte in april van dit jaar al getroffen door extreme droogte, waarbij 19 steden te kampen hadden met het grootste tekort. Sommige plaatsen zijn al begonnen met het aanvoeren van water in tankwagens.

Aangezien er 15.000 liter water nodig is om 1 kilo rundvlees te produceren en 3.000 liter water om 1 kilo kaas te produceren, is het geen wonder dat ook de veehouderij gevaar loopt. Boeren hebben immers weiland nodig om hun dieren te voeden. Als er een keuze moet worden gemaakt tussen het veiligstellen van drinkwater voor de burgers of het irrigeren van weilanden en gewassen om dieren te voeden, geven regeringen meestal de voorkeur aan steden boven boerderijen, maar landen hebben beide nodig.

Vaak komen regeringen met kortetermijnoplossingen, zoals mensen vragen om te stoppen met het besproeien van hun gazons of het wassen van hun auto’s, in plaats van langetermijn maatregelen te plannen om water te besparen. Verschillende voedsel- en voedergewassen (en combinaties daarvan) moeten worden gepromoot; er moeten meer bomen en levende heggen worden geplant in en rond akkers om de verdamping door de hete zon en droge wind te verminderen. Bovenal zijn er maatregelen nodig om meer koolstof in de bodem op te slaan.

Door burgers online toegang te geven tot realtime monitoring van de diepte van het grondwater, een natuurlijke hulpbron die onzichtbaar is, kunnen we ons allemaal bewust worden van de noodzaak om water te besparen.  Grondwater daalt snel als gevolg van voortdurend pompen, maar stijgt slechts langzaam als het wordt aangevuld door regenwater van het oppervlak. Hoewel monitoring nodig is, moeten we niet naïef zijn en denken dat wanneer het grondwaterpeil weer wordt aangevuld, huishoudens, industrie en landbouw weer onbeperkt water kunnen gebruiken. Hoewel we in België de natste lente sinds het begin van de metingen in 1833 hebben gehad, zien we op het platteland al veel oude eikenbomen die lijden onder de drie voorgaande jaren van water- en hittestress.

In veel Europese landen houden landbouwlobbygroepen agressief vol dat de veehouderij niet mag inkrimpen om te overleven. Hoe lang kunnen ze zo’n onrealistisch standpunt blijven innemen, nu er zoveel gebeurt? Dieren kunnen goed gevoed worden met technologieën die efficiënter gebruik maken van water en fossiele brandstoffen, maar technologische oplossingen hebben ook hun beperkingen. Als lobbygroepen hun leden niet helpen om zich aan te passen, zal het klimaat snel dicteren wat mogelijk is en wat niet. De veranderingen die we in Zuid-Europa zien, zouden ook in het noorden alarmbellen moeten doen rinkelen.

Als we er niet in slagen om de uitstoot van broeikasgassen snel en drastisch te beperken en te investeren in een landbouw die de planeet helpt afkoelen in plaats van haar natuurlijke hulpbronnen uit te putten, dan hoeven we binnenkort niet meer naar de Sahara te vliegen om een woestijn te zien. Klimaatvluchtelingen zullen uit Zuid-Europa komen en wij zullen ons op het hoofd krabben en ons afvragen waarom veel van onze favoriete voedingsproducten niet meer verkrijgbaar of betaalbaar zijn.

The market mafia April 9th, 2023 by

The market mafia

Nederlandse versie hieronder

In a previous blog, I wrote how smallholder, organic farmers in Bolivia struggle to sell their healthy, natural produce to an urban and peri-urban audience that is only slowly awakening to the health risks of  food produced with agrochemicals.

While the weekly home delivery service is a new way to sell fresh produce directly to consumers, the age-proven, open-air markets offer a more obvious way to sell ecological food. As in much of the developing world, weekly neighbourhood markets are widespread in Bolivia, but they come with their own challenges when newcomers want to enter the scene.

The NGO Agrecol Andes has been working for years to help agroecological farmers sell their produce directly on local markets, rather than through middle men. To help farmers in the department of Cochabamba obtain a space to sell in existing markets, Agrecol obtained agreements with various local authorities to help their farmers sell at markets. But that seemed to be the easiest part.

From experience Agrecol Andes learned that if one of the ecological farmers did not have vegetables or fruits to sell during one week, their place would be snapped up by a conventional vendor, who would keep the spot forever. So Agrecol increased its efforts to strengthen farmer groups, which let members to supply each other with ecological produce and ensure weekly presence on the markets.

But competition among market vendors is a fierce. While local authorities may set market rules, the real power is held by a few influential vendors. If the old vendors object, the farmer-sellers may permanently be blocked from the market.

“In some cases, my colleagues have been negotiating with specific market vendors for several years, but until they obtain permission, they are never sure whether their efforts will bear any fruits,” explains Augusto Lizárraga, a young staff from Agrecol Andes who accompanied us during most of our filming days.

Clearly, for individual farmers to start selling ecological produce directly on markets, the challenges are huge. Working in groups helps, and so does the support of local authorities. But institutional support like the one offered by Agrecol Andes is essential to support agroecological farmers and trigger changes towards healthier and fairer food systems.

The market mafia may be invisible, but it does exist.

Watch our video on: How to sell ecological food

Related Agro-Insight blogs

The struggle to sell healthy food

Marketing as a performance

A young lawyer comes home to farm

An exit strategy

 

De markt maffia

In een vorig blog schreef ik hoe kleine, biologische boeren in Bolivia worstelen om hun gezonde, natuurlijke producten te verkopen aan een stedelijk en peri-stedelijk publiek dat zich maar langzaam bewust wordt van de gezondheidsrisico’s van voedsel dat met landbouwchemicaliën is geproduceerd.

Hoewel de wekelijkse thuisbezorging een nieuwe manier is om verse producten rechtstreeks aan de consument te verkopen, bieden de beproefde openluchtmarkten een meer voor de hand liggende manier om gezond, ecologisch voedsel te verkopen. Zoals in veel ontwikkelingslanden zijn ook in Bolivia wekelijkse buurtmarkten wijdverbreid, maar ze gaan gepaard met hun eigen uitdagingen wanneer nieuwkomers hun intrede willen doen.

De NGO Agrecol Andes zet zich al jaren in om agro-ecologische boeren te helpen hun producten rechtstreeks op lokale markten te verkopen, in plaats van via tussenpersonen. Om boeren in het departement Cochabamba te helpen een plek te krijgen op bestaande markten, verkreeg Agrecol overeenkomsten met verschillende lokale autoriteiten om hun boeren te helpen op markten te verkopen. Maar dat leek het gemakkelijkste deel.

Uit ervaring leerde Agrecol Andes dat als een van de ecologische boeren gedurende een week geen groenten of fruit had om te verkopen, haar plaats zou worden ingenomen door een conventionele verkoper, die de plaats voor altijd zou behouden. Dus verhoogde Agrecol haar inspanningen om boerengroepen te versterken, waardoor de leden elkaar ecologische producten kunnen leveren en een wekelijkse aanwezigheid op de markten kunnen garanderen.

Maar de concurrentie tussen de marktkooplui is hevig. Hoewel de plaatselijke autoriteiten de marktregels vaststellen, is de echte macht in handen van een paar invloedrijke verkopers. Als de oude verkopers bezwaar maken, kunnen de boerenverkopers permanent van de markt worden geweerd.

“In sommige gevallen onderhandelen mijn collega’s al jaren met bepaalde marktkooplui, maar zolang ze geen toestemming krijgen, weten ze nooit zeker of hun inspanningen vruchten zullen afwerpen,” legt Augusto Lizárraga uit, een jonge medewerker van Agrecol Andes die ons tijdens de meeste van onze filmdagen vergezelde.

Het is duidelijk dat de uitdagingen voor individuele boeren om ecologische producten rechtstreeks op markten te gaan verkopen enorm zijn. Werken in groepen helpt, net als de steun van lokale autoriteiten. Maar institutionele steun zoals die van Agrecol Andes is essentieel om agro-ecologische boeren te ondersteunen en veranderingen in de richting van gezondere en eerlijkere voedselsystemen op gang te brengen.

De marktmaffia mag dan onzichtbaar zijn, ze bestaat wel degelijk.

Bekijk onze video: How to sell ecological food

Gerelateerde Agro-Insight blogs

The struggle to sell healthy food

Marketing as a performance

A young lawyer comes home to farm

An exit strategy

A love for nature March 19th, 2023 by

Nederlandse versie hieronder

When you ask 5-year-old kids what they want to be when they grow up, many respond veterinarian, pilot, football player, ballerina, or firefighter, depending on where in the world you ask the question. Fortunately, some also say they want to become a farmer, as a young father in Bangalore told me his inspiring story on my recent trip to India.

Naresh N.K. works as a senior administration assistant at the University of Trans-Disciplinary Health Sciences and Technology (TDU), a private university with a unique focus that I have never seen anywhere else in the world. TDU uses modern sciences such as ethnobotany, food technology, medical and veterinary sciences to optimally understand and integrate ancient Indian Ayurvedic wisdom into human and animal health practices, products and policies.

Naresh is involved in an Access Agriculture project, in collaboration with TDU, in which we assess the impact of some of our dairy farmer training videos, translated into the local Kannada language, on farmers’ knowledge and practices, and how this helps to promote natural livestock farming and reduce antibiotic residues in milk. When we meet Naresh in the canteen at 8.30 am, he spontaneously starts to talk about his earlier experiences with video.

“During Covid, buying food at the market became expensive and one didn’t know what chemicals were sprayed on the crop. As I have farmer’s blood running through my veins, even though I moved to the city 20 years ago, I started looking up things on Youtube and began to grow organic food in pots on my terrace. Whenever I needed advice, I also called farmers back home. They always gave me useful tips.”

By filling up buckets with red soil, and mixing it with coconut fibre and home-made vermicompost, Naresh created a healthy, rich soil to grow plants on his terrace. Flicking through his photos on his mobile phone, he shows me one amazing, thriving crop after another: there are tomatoes, green beans, snake gourds, bottle gourds and ridge gourds, sweet potatoes, passion fruit, and even grapes.

“One other reason why I wanted to set up a terrace garden,” Naresh continues, “is that during Covid the schools closed down, so I wanted to do something at home to keep my 4-year-old boy busy, as many kids were just hanging in front of the TV for hours. After we installed the terrace garden, Rishik would often take me by the hand and say: “Come dad, let’s go and water the plants”.”

When I ask Naresh what aspects of the terrace garden his son loves most, without blinking he says: “The birds, bees and other insects that have started to come to our terrace. Rishik observes the birds, collects insects and carefully studies them. It is like a whole new world he is discovering.”

I was really touched by his account. Naresh, a concerned young parent wanting to keep his child busy and feed him healthy, pesticide-free food, was not only able to grow diverse plants in the city, but through his terrace garden also instilled a passion for nature in his child.

Clearly excited about the topic, Naresh continues with twinkling eyes: “This was the first year my son goes to primary school and when the teacher asked the kids what they want to become later in life, my son stood up and surprised all when he answered “make compost and become a farmer”.

Naresh is so pleased with his experience that he will continue to spend quality time with his son planting seeds, watering plants, watching the birds and insects, and harvesting food.

“In a few decades, most of us will live in the cities and there will be few farmers, so those who will know how to grow food will be the kings (and queens) of this world,” he concludes.

School gardens can be a fantastic way to teach kids good attitudes towards the environment and eating healthy food. But Naresh reminded us how important the role of parents is. Parents have an enormous impact in creating an environment that allows their kids to thrive and live up to their dreams. Exposing children at a young age to nature, even if it is just a modest terrace garden in the city, can make a great difference in how people grow up to appreciate healthy food and cherish nature.

Related Agro-Insight blogs

Agroecology for kids

Videos to teach kids good attitudes

The school garden

Teaching the farmers of tomorrow with videos

Shopping with Mom

Related videos on the Access Agriculture video platform

Teaching agroecology in schools

All training videos in Kannada can be seen here: www.accessagriculture.org/search/all/kn

 

Liefde voor de natuur

Als je kinderen van 5 jaar vraagt wat ze later willen worden, antwoorden velen dierenarts, piloot, voetballer, ballerina of brandweerman, afhankelijk van waar ter wereld je de vraag stelt. Gelukkig zeggen sommigen ook dat ze boer willen worden, zoals een jonge vader in Bangalore mij zijn inspirerende verhaal vertelde tijdens mijn recente reis naar India.

Naresh N.K. werkt als senior administratief medewerker aan de Universiteit voor Trans-Disciplinaire Gezondheidswetenschappen en Technologie (TDU), een particuliere universiteit met een unieke focus die ik nergens anders ter wereld heb gezien. TDU gebruikt moderne wetenschappen zoals etnobotanie, voedseltechnologie, medische en veterinaire wetenschappen om de oude Indiase Ayurvedische wijsheid optimaal te begrijpen en te integreren in praktijken, producten en beleid voor de gezondheid van mens en dier.

Naresh is betrokken bij een Access Agriculture-project, in samenwerking met TDU, waarin we het effect beoordelen van enkele van onze trainingsvideo’s voor melkveehouders, vertaald in de lokale Kannada-taal, op de kennis en praktijken van boeren, en hoe dit helpt om natuurlijke veehouderij te bevorderen en antibioticaresiduen in melk te verminderen. Als we Naresh om 8.30 uur in de kantine ontmoeten, begint hij spontaan te vertellen over zijn eerdere ervaringen met video.

“Tijdens de Covid werd het kopen van voedsel op de markt duur en wist men niet welke chemicaliën op het gewas werden gespoten. Omdat ik boerenbloed door mijn aderen heb stromen, ook al ben ik 20 jaar geleden naar de stad verhuisd, begon ik dingen op te zoeken op Youtube en begon ik biologisch voedsel te verbouwen in potten op mijn terras. Als ik advies nodig had, belde ik ook boeren thuis. Zij gaven me altijd nuttige tips.”

Door emmers te vullen met rode aarde en die te mengen met kokosvezels en zelfgemaakte vermicompost, creëerde Naresh een gezonde, rijke grond om planten op zijn terras te laten groeien. Bladerend door zijn foto’s op zijn mobiele telefoon laat hij me de ene verbazingwekkende, bloeiende teelt na de andere zien: er zijn tomaten, groene bonen, slangenkalebassen, fles- en ribkalebassen, zoete aardappelen, passievruchten en zelfs druiven.

“Een andere reden waarom ik een terrastuin wilde aanleggen,” vervolgt Naresh, “is dat tijdens Covid de scholen dicht gingen, dus wilde ik thuis iets doen om mijn zoontje van 4 bezig te houden, want veel kinderen hingen urenlang voor de tv. Nadat we de terrastuin hadden aangelegd, nam Rishik me vaak bij de hand en zei: “Kom pap, we gaan de planten water geven.”

Als ik Naresh vraag van welke aspecten van de terrastuin zijn zoon het meest houdt, zegt hij zonder aarzelen: “De vogels, bijen en andere insecten die naar ons terras zijn gekomen. Rishik observeert de vogels, verzamelt insecten en bestudeert ze zorgvuldig. Het is alsof hij een hele nieuwe wereld ontdekt.”

Ik was echt geraakt door zijn verhaal. Naresh, een bezorgde jonge ouder die zijn kind bezig wilde houden en hem gezond, pesticidevrij voedsel wilde geven, was niet alleen in staat om diverse planten in de stad te kweken, maar door zijn terrastuin ook zijn kind een passie voor de natuur bij te brengen.

Naresh is duidelijk enthousiast over het onderwerp en vervolgt met twinkelende ogen: “Dit was het eerste jaar dat mijn zoon naar de lagere school gaat en toen de leraar de kinderen vroeg wat ze later in hun leven wilden worden, stond mijn zoon op en verbaasde iedereen toen hij antwoordde “compost maken en boer worden”.

Naresh is zo blij met zijn ervaring dat hij quality time met zijn zoon zal blijven doorbrengen met het planten van zaden, het water geven van planten, het kijken naar de vogels en insecten, en het oogsten van voedsel.

“Over een paar decennia zullen de meesten van ons in steden wonen en zullen er weinig boeren zijn, dus degenen die weten hoe ze voedsel moeten verbouwen zullen de koningen (en koninginnen) van deze wereld zijn,” besluit hij.

Schooltuinen kunnen een fantastische manier zijn om kinderen een goede houding tegenover het milieu en gezond eten bij te brengen. Maar Naresh herinnerde ons eraan hoe belangrijk de rol van de ouders is. Ouders hebben een enorme invloed op het creëren van een omgeving waarin hun kinderen kunnen gedijen en hun dromen kunnen waarmaken. Kinderen op jonge leeftijd blootstellen aan de natuur, al is het maar een bescheiden terrastuintje in de stad, kan een groot verschil maken in hoe mensen opgroeien om gezonde voeding te waarderen en de natuur te koesteren.

Gerelateerde Agro-Insight blogs

Agroecology for kids

Videos to teach kids good attitudes

The school garden

Teaching the farmers of tomorrow with videos

Shopping with Mom

Gerelateerde videos op het Access Agriculture video platform

Teaching agroecology in schools

Watching videos with farmers February 18th, 2023 by

Vea la versión en español a continuación

Nederlandse versie hieronder

While making a farmer training video recently in Bolivia, we showed the community one of our previous videos. This turned out to be a useful way to help farmers understand the format of the video and how it will be produced. It also added motivation for farmers to join.

When we arrive at the village of Chigani Alto, on the shores of Lake Titicaca, at an altitude of 4,000 meters, 18 members of the local farmer association have gathered at the small building that displays a signboard saying it is a research and training centre on biological inputs. Compared to the factory we visited earlier (see blog: Commercialising biological inputs), the 2 small rooms do not immediately display any sophisticated equipment. Next door, a well-kept picturesque church indicates this is a small community.

The community members bring lunch. The style is a bit like a picnic, called apthapi in Aymara, mostly traditional dishes in their woven blankets.

As they open up their blankets on the tables, we see boiled maize on the cob, boiled cassava and native potatoes, chuño (rehydrated, freeze-dried potatoes), pieces of plantain in the skin, and a chuño version of oca, an Andean tuber. Some people brought broad beans, either green or brown ones that had been dried on the plant. A few prepared some salsa of tomatoes with pieces of fresh cheese. Others made traditional pancakes from mashed potatoes with pieces of onions and some other vegetables. What a delightful way to strengthen ties between community members.

Just as we are finishing this culinary feast, it starts to hail, and judging by the blackness of the sky it will not stop in the next hour. Jeff suggests that, while we wait for the weather to clear, we can watch a video in Aymara, the local language spoken in this part of the country. The hail on the corrugated sheets of the roof, however, drowns out the sound from his laptop.

Fernando Villca, the young president of the farmers’ association, suggests that we all move to the small room of the training centre, as there they have an insulated roof and a speaker system. With a little help from Roly Cota (the extensionist from Prosuco), they figure out how to connect with the laptop to the speaker via Bluetooth. Young people are clearly tech-savvy wherever we go.

From start to finish, the women and men are completely captivated by the video on living barriers. They recognise the t’ola, a group of local shrubs that the farmers in the video multiply from seed, and how they then plant them in hedges to protect their soil from wind erosion. After the video, our audience immediately starts to discuss between themselves, and then turn to Jeff: “Show us another one.”

In the meantime, the weather has cleared and Roly Cota urges us to start with the filming. He promises the farmers to screen more videos for them in Aymara on his next visit, when he will also show people how to navigate the video platform from Access Agriculture, where farmers can watch over a hundred training videos in Spanish. There is nothing more powerful than clearly articulated demand from farmers.

When Roly asks who is willing to join the filming activities the next few days, all the farmers volunteer and a few ask to be interviewed in front of the camera.

At the end of the second day, all farmers who happily participated want to know when the video will be on the internet. “We cannot wait to become world famous,” laughs Juana Martínez, who has seen the benefits of organic foliar sprays on her potatoes. She clearly wants to become a fervent ambassador of home-made, biofertilizer.

Related Agro-Insight blogs

Farmers without borders

Listen before you film

Get in the picture

Mix and match

A convincing gesture

Language or dialect? It’s complicated

Watch related videos on the Access Agriculture video platform

Healthier crops with good micro-organisms

Organic biofertilizer in liquid and solid form

Good microbes for plants and soil

Vermiwash: an organic tonic for crops

Besides videos in English, www.accessagriculture.org has more than 100 videos in Spanish, and various in Aymara and Quechua.

Acknowledgement

The video on biofertilizer has been developed with funding from the McKnight Foundation’s Collaborative Crop Research Program (CCRP).

 

Ver videos con agricultores

Mientras grabábamos un video de formación para agricultores en Bolivia, mostramos a la comunidad uno de nuestros videos anteriores. Esto resultó ser una forma útil de ayudar a los agricultores a entender el formato del video y cómo se produciría. También sirvió para motivarles a participar.

Cuando llegamos a la comunidad de Chigani Alto, a orillas del lago Titicaca, a 4.000 metros de altitud, 18 miembros de la asociación local de agricultores se habían reunido en el pequeño edificio que luce un cartel que dice que es un centro de innovación y capacitación sobre insumos biológicos. En comparación con la fábrica que visitamos antes (véase el blog: Comercialización de insumos biológicos), las 2 pequeñas salas no lucían ningún equipo sofisticado. Al lado, una pintoresca iglesia bien cuidada indica que se trata de una pequeña comunidad.

Los miembros de la comunidad traen el almuerzo. El estilo es un poco como un picnic, llamado apthapi en aymara, en su mayoría platos tradicionales en aguayos, o mantas tejidas.

Mientras abren sus aguayos sobre las mesas, vemos choclo, yuca cocida y papas nativas, chuño (papas rehidratadas y liofilizadas), trozos de plátano con piel y una versión de chuño de la oca, un tubérculo andino. Algunos trajeron habas, verdes o marrones, secadas en la planta. Unos pocos prepararon salsa de tomates con trozos de queso fresco. Otros hicieron tortitas tradicionales de puré de papas con trozos de cebolla y algunas otras verduras. Qué manera tan deliciosa de estrechar lazos entre los miembros de la comunidad.

Justo cuando estamos terminando este festín culinario, empieza a granizar y, a juzgar por la oscuridad del cielo, no parará en la próxima hora. Jeff sugiere que, mientras esperamos a que se despeje, podemos ver un video en aymara, la lengua local que se habla en esta parte del país. Sin embargo, el granizo que cae sobre las calaminas del tejado ahoga el sonido de su portátil.

Fernando Villca, el joven presidente de la asociación de campesinos, sugiere que nos traslademos todos a la pequeña sala del centro de innovación, ya que allí tienen un techo aislante y un sistema de altavoces. Con un poco de ayuda de Roly Cota (el extensionista de Prosuco), descubren cómo conectar el portátil al altavoz por Bluetooth. Está claro que los jóvenes saben de tecnología en todas partes del mundo.

De inicio a fin, las mujeres y los hombres están completamente cautivados por el video sobre las barreras vivas. Reconocen la t’ola, un grupo de arbustos locales que los agricultores del video multiplican a partir de semillas, y cómo luego las siembran en plantines para proteger su suelo de la erosión del viento. Tras el video, nuestro público se pone inmediatamente a discutir entre ellos, y luego se dirige a Jeff: “Enséñanos otro”.

Mientras tanto, el tiempo se ha despejado y Roly Cota nos insta a empezar con la filmación. Promete a los agricultores proyectarles más videos en aymara en su próxima visita, cuando también les enseñará a navegar por la plataforma de videos de Access Agriculture, donde los agricultores pueden ver más de cien videos de formación en español. No hay nada más poderoso que una demanda claramente articulada por parte de los agricultores.

Cuando Roly pregunta quién está dispuesto a participar en las actividades de filmación de los próximos días, todos los agricultores se ofrecen voluntarios y unos pocos piden ser entrevistados ante la cámara.

Al final del segundo día, todos los agricultores que han participado alegremente quieren saber cuándo estará el video en Internet. “No vemos la hora de hacernos famosos en todo el mundo”, ríe Juana Martínez, que ha comprobado los beneficios de las fumigaciones foliares ecológicas en sus papas. Está claro que quiere convertirse en una ferviente embajadora del biofertilizante artesanal.

 

Video’s bekijken met boeren

Toen we onlangs in Bolivia een trainingsvideo voor boeren maakten, lieten we de gemeenschap een van onze vorige video’s zien. Dit bleek een nuttige manier te zijn om de boeren te helpen begrijpen hoe de video eruit zal zien en hoe hij zal worden gemaakt. Het motiveerde de boeren ook om mee te doen.

Wanneer we aankomen in het dorp Chigani Alto, aan de oevers van het Titicacameer, op een hoogte van 4.000 meter, hebben 18 leden van de plaatselijke boerenvereniging zich verzameld bij het kleine gebouw met een uithangbord waarop staat dat het een onderzoeks- en opleidingscentrum voor biologische productiemiddelen is. Vergeleken met de fabriek die we eerder bezochten (zie blog: Commercialising organic inputs), tonen de 2 kleine kamers niet meteen geavanceerde apparatuur. Een goed onderhouden pittoresk kerkje ernaast geeft aan dat dit een kleine gemeenschap is.

De leden van de gemeenschap brengen de lunch mee. De stijl lijkt een beetje op een picknick, apthapi genoemd in het Aymara, meestal traditionele gerechten in hun geweven dekens.

Terwijl ze hun dekens op de tafels openslaan, zien we gekookte maïs aan de kolf, gekookte cassave en inheemse aardappelen, chuño (gerehydrateerde, gevriesdroogde aardappelen), stukjes bakbanaan in de schil, en een chuño-versie van oca, een Andes-knol. Sommigen brachten tuinbonen mee, groene of bruine die aan de plant gedroogd waren. Enkelen bereidden een salsa van tomaten met stukjes verse kaas. Anderen maakten traditionele pannenkoeken van aardappelpuree met stukjes ui en andere groenten. Wat een heerlijke manier om de banden tussen de leden van de gemeenschap aan te halen.

Net als we dit culinaire feest aan het beëindigen zijn, begint het te hagelen, en te oordelen naar de zwartheid van de lucht zal het het komende uur niet ophouden. Jeff stelt voor dat we, terwijl we wachten tot het weer opklaart, een video bekijken in het Aymara, de lokale taal die in dit deel van het land wordt gesproken. De hagel op de golfplaten van het dak overstemt echter het geluid van zijn laptop.

Fernando Villca, de jonge voorzitter van de boerenvereniging, stelt voor dat we allemaal verhuizen naar de kleine ruimte van het opleidingscentrum, want daar hebben ze een geïsoleerd dak en een luidsprekersysteem. Met een beetje hulp van Roly Cota (de voorlichter van Prosuco) zoeken ze uit hoe ze de laptop via Bluetooth met de luidspreker kunnen verbinden. Jonge mensen zijn duidelijk tech-savvy, waar we ook komen.

Van begin tot eind zijn de vrouwen en mannen volledig geboeid door de video over levende hagen. Ze herkennen de t’ola, een groep lokale struiken die de boeren in de video uit zaad vermeerderen, en hoe ze die vervolgens in heggen planten om hun grond te beschermen tegen winderosie. Na de video begint ons publiek meteen onderling te discussiëren, om zich vervolgens tot Jeff te wenden: “Laat ons er nog een zien.”

Ondertussen is het weer opgeklaard en Roly Cota spoort ons aan te beginnen met filmen. Hij belooft de boeren dat hij bij zijn volgende bezoek meer video’s in het Aymara voor hen zal vertonen, wanneer hij ook zal laten zien hoe ze kunnen navigeren op het videoplatform van Access Agriculture, waar de boeren meer dan honderd trainingsvideo’s in het Spaans kunnen bekijken. Niets is krachtiger dan een duidelijk geformuleerde vraag van de boeren.

Als Roly vraagt wie de komende dagen mee wil filmen, bieden alle boeren zich aan en een paar vragen of ze voor de camera geïnterviewd kunnen worden.

Aan het eind van de tweede dag willen alle boeren die vrolijk hebben meegedaan weten wanneer de video op internet komt. “We kunnen niet wachten om wereldberoemd te worden,” lacht Juana Martínez, die de voordelen van biologische bladbemesting op haar aardappelen heeft gezien. Ze wil duidelijk een fervent ambassadeur worden van zelfgemaakte, biologische meststoffen.

Commercialising organic inputs February 5th, 2023 by

Nederlandse versie hieronder

As the world is waking up to address the challenges of environmental degradation and climate change, many countries realize that chemical fertilizers and pesticides are technologies of the past. While organic and ecological farmers use their ingenuity to keep pests and diseases at bay and to improve soil fertility with local inputs, the commercial sector has also seen the enormous potential to sell natural products.

Welcomed by engineer Jimmy Ciancas, at BioTop, the commercial wing of Proinpa, a Bolivian research agency headquartered in Cochabamba. Jeff, Ana, Marcella and I are impressed by the sophisticated, technical setup of the BioTop plant where they mass produce a wide range of organic inputs, such as probiotics. BioTop has invested decades of research and development into its organic inputs, testing them all on farmers’ field before producing them commercially.

After analysing local soil samples in the laboratory, the most effective micro-organisms are isolated, and then mass multiplied. Besides beneficial lactic acid bacteria and yeasts, BioTop also produces bacteria and fungi that can kill insect pests or harmful fungi. In each of their four bioreactors, they can multiply 120 litres of highly concentrated micro-organisms, once every three days. As it only takes 100 ml to spray a hectare, their current set up provides organic inputs for 400,000 hectares of agricultural land.

This technology has an enormous potential to boost organic and natural farming across the globe. It is also good to see a country like Bolivia making its own organic inputs, keeping some measure of independence from multinational corporations.

When we tell Jimmy Ciancas that we are making a farmer training video on biol, a fermented liquid fertilizer, we ask if Proinpa also makes this. “It is one of the few products that we do not produce, because there is no profit to be made with biol. It requires too much work. Also, our commercial organic inputs need to be certified by SENASAG, the national certification agency, so we need to have highly standardised products. If the label says that it contains one type of micro-organism at a given concentration, the product needs to be as stated on the label.”

I realize that these regulations are intended to standardise products, but they also limit the ability of a company to make more complex mixtures. A spoonful of soil has thousands of species of micro-organisms, so limiting a preparation to just one species may do little to increase the diversity of a complex living soil community.

I wondered if biol could be useful to fight a soil pathogen, or to boost soil fertility, so I ask Jimmy Ciancas if biol is a useful technology for farmers. “Yes, of course it is. It enriches the complex community of soil micro-organisms with a variety of beneficial bacteria, fungi and yeasts.” As farmers mix legumes that are rich in plant hormones with the fresh manure of their animals, the micro-organisms in biol made by one farmer will differ from this made by another.

I was glad to hear an expert confirm the usefulness of biol, a low-tech technology. The training video we are making on biol will be appreciated by farmers who want to make their own solutions.

The visit to the factory reminded us that bioinputs may be profitably made on different scales. A modern company with a state-of-the-art plant can refine specific, beneficial micro-organisms and sell them to farmers in convenient bottles. Meanwhile, farmers can make their own inputs with many micro-organisms, which will also fight pests and improve the soil. Commercial and craft styles of making beneficial organisms will both be useful in the transition away from imported agrochemicals.

Watch related videos on the Access Agriculture video platform

Healthier crops with good micro-organisms

Organic biofertilizer in liquid and solid form

Good microbes for plants and soil

Vermiwash: an organic tonic for crops

 

Commercialisering van biologische inputs

Nu de wereld wakker wordt om de uitdagingen van de verloedering van het milieu en de klimaatverandering aan te pakken, beseffen veel landen dat chemische meststoffen en pesticiden technologieën uit het verleden zijn. Terwijl biologische en ecologische boeren hun vindingrijkheid gebruiken om plagen en ziekten op afstand te houden en de vruchtbaarheid van de bodem te verbeteren met lokale inputs, heeft ook de commerciële sector het enorme potentieel gezien om natuurlijke producten te verkopen.

Verwelkomd door ingenieur Jimmy Ciancas, bij BioTop, de commerciële vleugel van Proinpa, een Boliviaans onderzoeksinstituut met hoofdkantoor in Cochabamba. Jeff, Ana, Marcella en ik zijn onder de indruk van de geavanceerde, technische opzet van de BioTop-fabriek waar ze een breed scala aan biologische inputs, zoals probiotica, in massa produceren. BioTop heeft tientallen jaren van onderzoek en ontwikkeling geïnvesteerd in zijn biologische inputs en heeft ze allemaal getest op het veld van de boeren voordat ze commercieel worden geproduceerd.

Na analyse van lokale bodemmonsters in het laboratorium worden de meest effectieve micro-organismen geïsoleerd en vervolgens massaal vermenigvuldigd. Naast nuttige melkzuurbacteriën en gisten produceert BioTop ook bacteriën en schimmels die insectenplagen of schadelijke schimmels kunnen doden. In elk van hun vier bioreactoren kunnen ze 120 liter sterk geconcentreerde micro-organismen vermenigvuldigen, eens in de drie dagen. Aangezien er slechts 100 ml nodig is om een hectare te besproeien, levert hun huidige opzet biologische inputs voor 400.000 hectare landbouwgrond.

Deze technologie heeft een enorm potentieel om de biologische en ecologische landbouw over de hele wereld te stimuleren. Het is ook goed om te zien dat een land als Bolivia zijn eigen biologische inputs maakt, zodat het enigszins onafhankelijk blijft van multinationals.

Als we Jimmy Ciancas vertellen dat we een trainingsvideo maken over biol, een gefermenteerde vloeibare meststof, vragen we of Proinpa die ook maakt. “Het is een van de weinige producten die we niet maken, want met biol valt geen winst te maken. Het vergt te veel werk. Bovendien moeten onze commerciële biologische inputs worden gecertificeerd door SENASAG, het nationale certificeringsagentschap, dus moeten we sterk gestandaardiseerde producten hebben. Als op het etiket staat dat het één soort micro-organisme in een bepaalde concentratie bevat, moet het product zijn zoals op het etiket staat.”

Ik besef dat deze voorschriften bedoeld zijn om producten te standaardiseren, maar ze beperken ook de mogelijkheden van een bedrijf om complexere mengsels te maken. Een lepel grond bevat duizenden soorten micro-organismen, dus het beperken van een preparaat tot slechts één soort kan weinig bijdragen aan de diversiteit van een complexe levende bodemgemeenschap.

Ik vroeg me af of biol nuttig zou kunnen zijn om een bodemziekteverwekker te bestrijden, of om de vruchtbaarheid van de bodem te verhogen, dus vroeg ik Jimmy Sianca of biol een nuttige technologie is voor boeren. “Ja, natuurlijk is het dat. Het verrijkt de complexe gemeenschap van bodemmicro-organismen met een verscheidenheid aan nuttige bacteriën, schimmels en gisten.”

Aangezien boeren peulvruchten die rijk zijn aan plantenhormonen mengen met de verse mest van hun dieren, zullen de micro-organismen in biol die door de ene boer worden gemaakt, verschillen van die van een andere boer.

Ik was blij een deskundige het nut van biol, een low-tech technologie, te horen bevestigen. De trainingsvideo die we over biol maken zal gewaardeerd worden door boeren die hun eigen oplossingen willen maken.

Het bezoek aan de fabriek herinnerde ons eraan dat bio-inputs op verschillende schaalniveaus rendabel kunnen worden gemaakt. Een modern bedrijf met een ultramoderne fabriek kan specifieke, nuttige micro-organismen verfijnen en ze in handige flesjes aan de boeren verkopen. Ondertussen kunnen boeren hun eigen inputs maken met vele micro-organismen, die ook plagen bestrijden en de bodem verbeteren. Zowel commerciële als ambachtelijke methoden om nuttige organismen te maken zullen nuttig zijn bij de overgang van geïmporteerde landbouwchemicaliën.

Bekijk gerelateerde videos op het Access Agriculture video platform

Healthier crops with good micro-organisms

Organic biofertilizer in liquid and solid form

Good microbes for plants and soil

Vermiwash: an organic tonic for crops

Design by Olean webdesign