WHO WE ARE SERVICES RESOURCES




Most recent stories ›
AgroInsight RSS feed
Blog

From soil fertility to cheese September 4th, 2022 by

From soil fertility to cheese

Nederlandse versie hieronder

More than 10 years ago, a project in the high Andes in Peru set out to improve soil fertility with local communities. So, during a recent visit to the community of Colpar, in Quilcas municipality, we were surprised to hear rural women talk about how they had established a women’s association selling cheese and yoghurt. It seemed a long leap at first, but as we spent more time with the community we were reminded once more how development impacts can divert from initial intentions.

Jeff, Marcella and I had a chance to work with the local NGO Yanapai on a video about improved pastures. Farmers traditionally left their fields fallow for 10 years or more after they had planted potatoes for a year, followed by a year of oca, ulluco, broad beans or another crop. With increased pressure on the land, fallow periods shortened and soil fertility declined. The initial idea of the researchers was that by broadcasting seeds of legume fodder crops and improved grasses, such as rye grass after the last harvest, would help the  soil recover its fertility faster. This idea, as creative it was, never quite worked out.

But the researchers and NGO staff did not give up and kept on engaging the farmers in their trials. Farmers gradually started to drive the agenda. Especially in areas where farmers had access to irrigation water, they began experimenting with mixed pastures, containing a mix of annual and perennial fodder legumes and grasses, such as oats, barley, rye grass, clover, alfalfa and vetch.

All farmers in Quilcas now have semi-permanent fields of fodder, which they establish at different times of the year to have feed all year round, as Ricardina Rodr√≠guez, one of the local women tells us: ‚ÄúNatural pasture dries up in the dry season, and there is nothing for the cows to eat. Planted fodder is there all year. We cut it every two months, and it maintains our cows.‚ÄĚ

When we interview Herminio Rodr√≠guez, he explains how their animals prefer a mix of fodder: ‚ÄúWhen you have a mix of pastures, they eat everything. And when you feed a mix with clover and alfalfa, the cows also give more milk.‚ÄĚ

The farmers we meet all confirm that after 3 to 4 years the mixed pastures have improved the fertility of the soil, as the grasses with their abundant roots make the soil looser, while the legumes fix nitrogen from the air and as such benefit the subsequent potato crop. The farmers also add a bit of kitchen ash or composted manure after they cut fodder, which also improves the soil fertility.

The project had evolved from enriching native fallow vegetation with improved fodder species, to one where farmers installed and cared for their pasture as if it were a crop, fertilizing, irrigating and harvesting it. Some farmers may even keep some of their fields under permanent fodder, as they feel the benefits of having good fodder outweighs the benefits of harvesting more potatoes.

With additional support of two other projects, including a local government project, that focused on livestock, fodder and irrigation, life in the community steadily improved, and women made the most of it. While they used to sell all their fresh milk to a buyer from the nearby town, they realized that they could make more money by making and selling their own cheese and yoghurt.

‚ÄúWe used to heat the milk with firewood, but now we use gas. We have our big pots, our cheese press. We improve all the time. And once a week we prepare cheese and yoghurt to take to the weekly market,‚ÄĚ says Ricardina Rodr√≠guez.

Luc√≠a √Āvila, another member of the association who we interview on camera, summarises it well: ‚ÄúI would tell all farmers that we should plant pasture to have better animals, and to have a little money. If you have a bigger guinea pig, they pay you well. If your bull is bigger or fatter, they pay you well. Cultivated fodder is better to improve our quality of life.‚ÄĚ

By having an open mindset, a certain degree of flexibility and long-term support to work with farming communities, researchers working with local NGOs can have tremendous impact that goes way beyond what they had anticipated initially.

 

Watch the video on the Access Agriculture video platform:
Improved pasture for fertile soil

Related Agro-Insight blogs

Farming as a lifestyle

Acknowledgements

The visit to Peru to film various farmer-to-farmer training videos with farmers like do√Īa Ricardina, do√Īa Luc√≠a and don Herminio was made possible with the kind support of the Collaborative Crop Research Program (CCRP) of the McKnight Foundation. Thanks to Edgar Olivera from Grupo Yanapai for introducing us to the community, and to Erik C√≥rdova Ramos for the photo of the Agro-Insight team with colleagues from Yanapai.

 

Van bodemvruchtbaarheid tot kaas

Meer dan 10 jaar geleden werd een project in de hoge Andes in Peru opgezet om samen met de plaatselijke gemeenschappen de vruchtbaarheid van de bodem te verbeteren. Tijdens een recent bezoek aan de gemeenschap van Colpar, in de gemeente Quilcas, waren we dan ook verrast toen we plattelandsvrouwen hoorden vertellen over hoe ze een vrouwenvereniging hadden opgericht die kaas en yoghurt verkoopt. Het leek eerst een lange sprong, maar toen we meer tijd met de gemeenschap doorbrachten, werden we er weer eens aan herinnerd hoe de gevolgen van ontwikkeling kunnen afwijken van de oorspronkelijke bedoelingen.

Jeff, Marcella en ik hadden de kans om met de plaatselijke NGO Yanapai te werken aan een video over verbeterde weidegronden. Traditioneel lieten boeren hun akkers 10 jaar of langer braak liggen nadat ze een jaar lang aardappels hadden geplant, gevolgd door een jaar oca, ulluco, tuinbonen of een ander gewas. Door de toenemende druk op het land werden de braakperiodes korter en ging de bodemvruchtbaarheid achteruit. Het oorspronkelijke idee van de onderzoekers was dat door na de laatste oogst zaden van voederleguminosen en verbeterde grassen, zoals raaigras, uit te strooien, de bodem zijn vruchtbaarheid sneller zou herstellen. Dit idee, hoe creatief het ook was, heeft nooit helemaal gewerkt.

Maar de onderzoekers en de NGO-medewerkers gaven niet op en bleven de boeren bij hun proeven betrekken. Geleidelijk aan begonnen de boeren de agenda te bepalen. Vooral in gebieden waar de boeren toegang hadden tot irrigatiewater, begonnen zij te experimenteren met gemengde weidegronden, met een mix van eenjarige en meerjarige voederleguminosen en grassen, zoals haver, gerst, raaigras, klaver, alfalfa en wikke.

Alle boeren in Quilcas hebben nu semi-permanente voedergewassenvelden, die ze op verschillende tijdstippen van het jaar aanleggen, zodat ze het hele jaar door voedergewassen hebben, zoals Ricardina Rodr√≠guez, een van de plaatselijke vrouwen, ons vertelt: “Natuurlijke weiden drogen op in het droge seizoen, en er is niets te eten voor de koeien. Geplant veevoer is er het hele jaar. We maaien het om de twee maanden, en het onderhoudt onze koeien.”

Als we Herminio Rodr√≠guez interviewen, legt hij uit hoe hun dieren de voorkeur geven aan een mix van voedergewassen: “Als je een mix van voedergewassen hebt, eten ze alles. En als je een mix met klaver en luzerne voert, geven de koeien ook meer melk.”

De boeren die we ontmoeten, bevestigen allemaal dat de gemengde weiden na 3 tot 4 jaar de vruchtbaarheid van de bodem hebben verbeterd, omdat de grassen met hun overvloedige wortels de grond losser maken, terwijl de peulvruchten stikstof uit de lucht vastleggen en als zodanig ten goede komen aan de daaropvolgende aardappeloogst. De boeren voegen ook een beetje keuken-as of gecomposteerde mest toe nadat zij het voeder hebben gemaaid, wat de bodemvruchtbaarheid eveneens verbetert.

Het project is ge√ęvolueerd van het verrijken van inheemse braakvegetatie met verbeterde voedergewassen tot een project waarbij de boeren hun weiland installeren en verzorgen alsof het een gewas is, bemesten, irrigeren en oogsten. Sommige boeren houden zelfs een deel van hun akkers permanent met voedergewassen bedekt, omdat zij vinden dat de voordelen van goed voedergewas opwegen tegen de voordelen van het oogsten van meer aardappelen.

Met extra steun van twee andere projecten, waaronder een project van de plaatselijke overheid, die zich richtten op vee, veevoeder en irrigatie, verbeterde het leven in de gemeenschap gestaag, en de vrouwen haalden daar het meeste uit. Terwijl ze vroeger al hun verse melk verkochten aan een opkoper uit de nabijgelegen stad, realiseerden ze zich dat ze meer geld konden verdienen door hun eigen kaas en yoghurt te maken en te verkopen.

“Vroeger verwarmden we de melk met brandhout, maar nu gebruiken we gas. We hebben onze grote potten, onze kaaspers. We verbeteren de hele tijd. En √©√©n keer per week maken we kaas en yoghurt om mee te nemen naar de wekelijkse markt,” zegt Ricardina Rodr√≠guez.

Luc√≠a √Āvila, een ander lid van de vereniging die we voor de camera interviewen, vat het goed samen: “Ik zou tegen alle boeren willen zeggen dat we weiland moeten planten om betere dieren te hebben, en om een beetje geld te hebben. Als je een grotere cavia hebt, betalen ze je goed. Als je stier groter of vetter is, betalen ze je goed. Gekweekt voer is beter om de kwaliteit van ons leven te verbeteren.”

Door een open mentaliteit, een zekere mate van flexibiliteit en steun op lange termijn om met boerengemeenschappen samen te werken, kunnen onderzoekers die met lokale NGO’s samenwerken een enorme impact hebben die veel verder gaat dan wat ze aanvankelijk hadden voorzien.

Bekijk de video op het Access Agriculture video platform:
Improved pasture for fertile soil

Killing the soil with chemicals (and bringing it back to life) August 14th, 2022 by

Vea la versi√≥n en espa√Īol a continuaci√≥n

Paul, and Marcella and I were filming recently in Quilcas, a village in Junín of the central Andes of Peru. A farmer and a former president of the community, Marcelo Tiza was spending the day with us. As we were admiring the mountain peaks and the green hillsides surrounding the community, we noticed that the steep slopes were divided up into a faint green checker board pattern, like a patchwork of abandoned fields. Then don Marcelo remarked offhand that all of that land had once been farmed, but that the soil had been destroyed by chemical fertilizer.

According to the community, these hillsides had always been cultivated, in a long rotation called ‚Äúturns,‚ÄĚ where they divided their high lands into several large fields, each with the same harvest potential. They would open one field the first year and divide it into family parcels of land to plant potatoes. The next year, they would open another big field for potatoes, and the first one, where they had already harvested potatoes, would be planted in other Andean tubers, or broad beans, or some other crop. Then the land would rest for five years, until the land became fertile again and people would plant potatoes again.

Then in the 1970s, the people of Quilcas began to use chemical fertilizer to boost their potato yields. Some people could afford chemical fertilizer, and those who couldn’t would apply sheep manure to their land. But after just 25 years of using chemical fertilizer, the communal land had been ruined. By 1999, community members noticed that even after they let the land rest for five years, it no longer recovered its fertility. It was missing its thick cover of vegetation and plants like trébol de carretilla that local people recognized as the signs of healthy land, ready to plant.

So the people of Quilcas moved their communal land higher, from about 3,800 meters above sea level to nearly 4,000. Having learned their lesson, the people prohibited the use of any chemical fertilizer or pesticides on these lands. The community regulations prohibited the use of chemical fertilizer or other chemicals in the communal fields, and people who broke these rules could be fined or even lose their rights to the lands.

Since 2000, the community of Quilcas (in collaboration with the NGO Yanapai) has also learned to use a long rotation of fodder crops (grasses and legumes). For several years, they plant potato in rotation with other tubers, as well as with barley and oats. Then the land is rested for several years, by planting a cover of fodder crops, which enrich the soil.  They have perfected the system in the individual lands near their homes, in the lower parts of the community (at about 3,500 meters above sea level).  And now they are experimenting with planting fodder above the villages, in the soil spoiled by chemicals. The first yields have been good, and people are encouraged. Ecological farming may be able to restore soils that have been ruined by the intense use of chemicals.

Paul and I have devoted much of this blog to the power of individual farmers to perform creative experiments. But farmer experiments can be more powerful than we have given them credit for. This story highlights the ability of communities to notice change that unfolded over several decades, at the level of whole landscapes, and to proactively experiment with ways of restoring the soil their lives depend on.

Related Agro-Insight blog stories

200 guinea pigs

Silent Spring, Better living through biology

A revolution for our soil

Scientific name

Tr√©bol de carretilla is Medicago polymorpha or Medicago hispida (English ‚Äúburr medic‚ÄĚ)

Acknowledgements

The visit to Peru to film various farmer-to-farmer training videos, including this one, was made possible with the kind support of the Collaborative Crop Research Program (CCRP) of the McKnight Foundation. Thanks to Edgar Olivera, Ra√ļl Ccanto, Jhon Huaraca and colleagues of the Grupo Yanapai for introducing us to Quilcas and for sharing their knowledge with us. Edgar Olivera and Paul Van Mele read and made valuable comments on an earlier version of this story.

MATAR EL SUELO CON QU√ćMICOS (Y DEVOLVERLE LA VIDA)

Jeff Bentley, 14 de agosto del 2022

Hace poco, Paul, Marcella y yo film√°bamos un video en Quilcas, en el departamento de Jun√≠n, en los Andes centrales del Per√ļ. Un agricultor y antiguo presidente de la comunidad, Marcelo Tiza, estaba pasando el d√≠a con nosotros. Mientras admir√°bamos las cumbres de los cerros y las laderas que rodeaban la comunidad, nos dimos cuenta de que las inclinadas faldas del cerro estaban divididas en un borroso tablero de ajedrez verde: un mosaico de campos abandonados. Entonces don Marcelo explic√≥ que en el pasado toda esa tierra s√≠ hab√≠a sido cultivada, pero que el suelo hab√≠a sido destruido por los fertilizantes qu√≠micos.

Seg√ļn la comunidad, esas laderas siempre se hab√≠an cultivado, en una especie de rotaci√≥n por ‚Äúturnos‚ÄĚ donde divid√≠an sus tierras altas en varios sectores, cada uno con casi la misma capacidad productiva. Abr√≠an un sector el primer a√Īo y lo divid√≠an en parcelas familiares para sembrar papa. El siguiente a√Īo, abr√≠an otro terreno grande para papas, y en el primer campo, donde hab√≠an cosechado las papas, se sembraba otros tub√©rculos andinos, o habas, u otro cultivo. Luego la tierra descansaba por cinco a√Īos, hasta volverse f√©rtil y se pod√≠a sembrar papas de nuevo.

Luego, en la d√©cada de 1970, la gente de Quilcas empez√≥ a usar fertilizantes qu√≠micos para aumentar el rendimiento de las papas. Algunas personas pod√≠an darse el lujo de aplicar esos qu√≠micos, y las que no pod√≠an hacerlo, pon√≠an guano de oveja a sus tierras. Pero tras s√≥lo 25 a√Īos de uso de fertilizantes qu√≠micos, la tierra comunal se hab√≠a arruinado. En 1999, los miembros de la comunidad se dieron cuenta de que, incluso despu√©s de dejar descansar la tierra durante cinco a√Īos, ya no recuperaba su fertilidad. Le faltaba su espesa capa de vegetaci√≥n y plantas como el tr√©bol de carretilla, que la poblaci√≥n local reconoc√≠a como signo de una tierra sana, lista para sembrar.

Así que la gente de Quilcas trasladó sus campos comunales más arriba, de unos 3.800 metros sobre el nivel del mar a casi 4.000. Habiendo aprendido su lección, la gente prohibió el uso de cualquier fertilizante químico o plaguicida en estas tierras. Los estatutos de la comunidad prohíben el uso de fertilizantes y agroquímicos en tierras comunales, caso contrario el comunero será sancionado, hasta con la separación de la comunidad.

Desde el a√Īo 2000, la comunidad de Quilcas (en colaboraci√≥n con la ONG Yanapai) tambi√©n ha aprendido a usar una larga rotaci√≥n de cultivos forrajeros (gram√≠neas y leguminosas). Durante varios a√Īos, siembran la papa en rotaci√≥n con otros tub√©rculos, y cebada y avena. Luego la tierra descansa por varios a√Īos, con una cobertura de pasto cultivado, lo cual enriquece el suelo. ¬†Han perfeccionado el sistema en las tierras individuales cercanas a sus casas, en las partes bajas de la comunidad (a unos 3.500 metros sobre el nivel del mar).¬† Y ahora est√°n experimentando con la siembra de forraje en tierras m√°s altas, hasta en los terrenos arruinados por los productos qu√≠micos. Los primeros rendimientos han sido buenos, y la gente est√° animada. La agricultura ecol√≥gica podr√≠a restaurar los suelos destruidos por el uso intensivo de qu√≠micos.

Paul y yo hemos dedicado gran parte de este blog al reconocer a los agricultores individuales y sus experimentos creativos. Pero los experimentos de los agricultores pueden ser más poderosos de lo que les hemos atribuido. Esta historia pone de relieve la capacidad de las comunidades para darse cuenta del cambio que se ha producido a lo largo de varias décadas, a nivel de paisajes enteros, y para experimentar proactivamente con formas de restaurar el suelo del que dependen sus vidas.

Previamente en el blog de Agro-Insight

200 cuyes

Silent Spring, Better living through biology

Una revolución para nuestro suelo

Nombre científico

Trébol de carretilla es Medicago polymorpha o Medicago hispida

Agradecimiento

Nuestra visita al Per√ļ para filmar varios videos, incluso este, fue posible gracias al generoso apoyo del Programa Colaborativo de Investigaci√≥n de Cultivos (CCRP) de la Fundaci√≥n McKnight. Gracias a Edgar Olivera, Ra√ļl Ccanto, Jhon Huaraca y colegas del Grupo Yanapai por presentarnos a Quilcas y por compartir su conocimiento con nosotros. Edgar Olivera y Paul Van Mele hicieron comentarios valiosos sobre una versi√≥n previa de este relato.

The nitrogen crisis July 3rd, 2022 by

Nederlandse versie hieronder

The European Union, along with most countries across the world, has agreed to reduce the emission of greenhouse gases to curb the negative effects of climate change, which are already apparent. Under the Green Deal, the EU aims to be climate neutral by 2050. Besides investments in more sustainable energy production and consumption (transport, housing …), further improvements are also needed in the food sector. But there is little consensus on how farmers should be supported.

Looking at the demographic trends in rural Europe, the proposed solutions will need to consider farm size. From 2005 to 2013, across Europe the number of farms with less than 50 hectares of land steadily decreased, while those between 50 and 100 hectares remained more or less stable. Those over 100 hectares slightly increased. Yet more than half of the farming population in Europe is older than 55 years (EuroStat, 2021). Meanwhile, the younger farmers have invested in labour-saving equipment, for example to work the larger holdings, acquiring high debts along the way. Further investment in climate mitigation will require proper support so that when the older farmers retire, the next generation will be able cope with the ever-increasing pressure of bank loans.

The war in Ukraine has triggered a sharp rise in the price of artificial fertilizers, making chemical-based farming less profitable. It is estimated that globally only one third of the applied nitrogen from chemical fertilizers is used by crops. Combined with the mounting pressure on farmers to help mitigate climate change by reducing carbon and nitrogen emissions, farmers are keen to optimise the use of animal manure.

While animal and human manure has been used to keep soils fertile for thousands of years, something has gone wrong in the recent past.

In a German documentary on the Aztecs, called Children of the Sun, ethnologist Antje Gunsenheimer describes some ancient human manure management. The central market in Tenochtitl√°n, the Aztec capital, had public toilets where urine and faeces were collected separately in clay pots. Dung traders sold the composted dung as fertilizer, while the urine was used for dying fabric and leather tanning.

From the earliest days of farming in Europe, animals were kept on deep bedding of straw. But nowadays most animals in Europe are kept on a metal grid, and the mix of urine and dung is collected in large, underground reservoirs. When excrement and urine from cows or pigs mix, a lot of methane gas (CH4) and ammonia (NH4) is produced. The old practices of using straw as bedding, as well as innovative designs to separate the dung form the urine, is getting some renewed attention in livestock farming, because when separated, greenhouse gas emissions can be reduced by up to 75%.

Bedding with crop residues such as wheat straw may provide substantial benefits.

Engineers in the Netherlands, the USA, Israel and various other countries are researching how best to adjust modern livestock sheds. Some promising examples include free walk housing systems that operate with composting bedding material or artificial permeable floors as lying and walking areas. Other sustainable techniques that are being explored include the CowToilet, which separates faeces and urine. As converting housing systems may be costly and therefore only adopted slowly by farmers, it is important to also experiment with better ways of applying liquid manure.

In modern livestock systems, urine and manure are mixed with the water used to wash the pens. Getting rid of this slurry, or liquid manure, has become a main environmental concern. When liquid manure is applied to the soil, much of the nitrogen evaporates as nitrous oxide or N2O, a greenhouse gas 300 times more powerful than carbon dioxide. Another fraction is converted to nitrates (NO3), which seep through the soil and pollute the ground water. While manure used to be a crucial resource, it has now become a waste product and an expense for farmers.

Making better use of animal waste will be crucial for the future of our food. One key factor is the lack of soil organic matter and good microbes, that can help capture nitrogen and release this more slowly to benefit crops.

Solutions that are financially feasible for farmers will require the best of ideas, with inputs from farmers, soil scientists, microbiologists, ecologists, chemical and mechanical engineers, as well as social scientists.

Practices that help to build up soil carbon will be crucial to reduce the environmental impact of animal manure and fertilizers. Ploughing is known to have a detrimental effect on soil organic matter, as it induces oxidation of soil carbon. Reduced tillage or zero tillage for crop cultivation, and regenerative farming to make animal farming more sustainable, has been promoted and used in the USA and other parts of the world, and could be explored more intensively in Europe.

Also, there will be a need to revive soil micro-organisms, as these have been seriously affected by the use of agrochemicals and the reduced availability of soil organic matter. The expensive machines that are currently used by service providers to spread or inject liquid manure in farmers’ fields could equally be used to inject solutions with good micro-organisms that will help to capture nitrogen to then release it to crops, and build up a healthy soil.

Human creativity will be required to help come up with solutions that are economically feasible for farmers in the near future. To make this happen as fast as possible, more investments are required in research that truly addresses the fundamentals of the problems. Still, far too much public money is invested in research on new crop varieties, livestock feed, and the application of agrochemicals, all of which are to the benefit of large corporations.

Photo credit: The photo on the straw bedding is by Herbert Wiggerman.

More reading

Galama, P. J., Ouweltjes, W., Endres, M. I., Sprecher, J. R., Leso, L., Kuipers, A., Klopńćińć, M. 2020. Symposium review: Future of housing for dairy cattle. Journal of Dairy Science, 103(6), pp. 5759-5772. Available at: ¬†https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0022030220302988

Related blogs

Capturing carbon in our soils

Reviving soils

Effective micro-organisms

A revolution for our soil

Repurposing farm machinery

Related videos

Good microbes for plants and soil

Organic biofertilizer in liquid and solid form

Coir pith

Mulch for a better soil and crop

Vermiwash: an organic tonic for crops

Inspiring platforms

Access Agriculture: hosts over 220 training videos in over 90 languages on a diversity of crops and livestock, sustainable soil and water management, basic food processing, etc. Each video describes underlying principles, as such encouraging people to experiment with new ideas.

EcoAgtube: a social media video platform where anyone from across the globe can upload their own videos related to natural farming and circular economy.

 

De stikstofcrisis

De Europese Unie heeft, samen met de meeste landen in de wereld, afgesproken de uitstoot van broeikasgassen te verminderen om de negatieve gevolgen van de klimaatverandering, die nu al merkbaar zijn, te beperken. In het kader van de Green Deal streeft de EU ernaar tegen 2050 klimaatneutraal te zijn. Naast investeringen in duurzamere energieproductie en -consumptie (vervoer, huisvesting …) zijn ook verdere verbeteringen nodig in de voedselsector. Maar er is weinig consensus over hoe landbouwers moeten worden ondersteund.

Als we kijken naar de demografische tendensen op het Europese platteland, moet bij de voorgestelde oplossingen rekening worden gehouden met de omvang van de landbouwbedrijven. Tussen 2005 en 2013 is in heel Europa het aantal landbouwbedrijven met minder dan 50 hectare gestaag gedaald, terwijl het aantal bedrijven tussen 50 en 100 hectare min of meer stabiel is gebleven. Het aantal bedrijven met meer dan 100 hectare is licht gestegen. Toch is meer dan de helft van de landbouwbevolking in Europa ouder dan 55 jaar (EuroStat, 2021). Ondertussen hebben de jongere boeren ge√Įnvesteerd in arbeidsbesparende apparatuur, bijvoorbeeld om de grotere bedrijven te bewerken, waarbij ze onderweg hoge schulden hebben gemaakt. Voor verdere investeringen in klimaatmitigatie is goede ondersteuning nodig, zodat wanneer de oudere boeren met pensioen gaan, de volgende generatie het hoofd kan bieden aan de almaar toenemende druk van bankleningen.

De oorlog in Oekra√Įne heeft geleid tot een sterke stijging van de prijs van kunstmest, waardoor landbouw op basis van chemische stoffen minder winstgevend is geworden. Bovendien wordt naar schatting wereldwijd slechts een derde van de stikstof uit kunstmest door de gewassen gebruikt. In combinatie met de toenemende druk op landbouwers om de klimaatverandering te helpen beperken door de uitstoot van koolstof en stikstof te verminderen, zijn landbouwers erop gebrand het gebruik van dierlijke mest te optimaliseren.

Hoewel dierlijke en menselijke mest al duizenden jaren wordt gebruikt om de bodem vruchtbaar te houden, is er in het recente verleden iets misgegaan.

In een Duitse documentaire over de Azteken, genaamd Children of the Sun, beschrijft etnologe Antje Gunsenheimer hoe men in de oudheid met menselijke mest omging. De centrale markt in Tenochtitl√°n, de Azteekse hoofdstad, had openbare toiletten waar urine en uitwerpselen gescheiden werden opgevangen in kleipotten. Mesthandelaren verkochten de gecomposteerde mest als meststof, terwijl de urine werd gebruikt voor het verven van stoffen en het looien van leer.

Vanaf de begindagen van de landbouw in Europa werden dieren gehouden op een diep strobed. Maar tegenwoordig worden de meeste dieren in Europa op een metalen rooster gehouden, en wordt het mengsel van urine en mest opgevangen in grote, ondergrondse reservoirs. Wanneer uitwerpselen en urine van koeien of varkens zich vermengen, ontstaat er veel methaangas (CH4) en ammoniak (NH4).

De oude praktijk van het gebruik van stro als strooisel en innovatieve ontwerpen om de mest van de urine te scheiden, krijgt hernieuwde aandacht in de veehouderij, omdat bij scheiding de uitstoot van broeikasgassen tot 75% kan worden verminderd.

Bedding with crop residues such as wheat straw may provide substantial benefits.

Ingenieurs in Nederland, de VS, Isra√ęl en diverse andere landen onderzoeken hoe moderne stallen het best kunnen worden aangepast. Enkele veelbelovende voorbeelden zijn huisvestingssystemen met vrije uitloop die werken met composterend strooiselmateriaal of kunstmatige doorlaatbare vloeren als lig- en loopruimte. Andere duurzame technieken die worden onderzocht zijn onder meer het CowToilet, dat uitwerpselen en urine scheidt. Aangezien het ombouwen van stalsystemen kostbaar kan zijn en daarom slechts langzaam door boeren wordt overgenomen, is het belangrijk om ook te experimenteren met betere manieren om vloeibare mest toe te dienen.

In moderne veeteeltsystemen worden urine en mest vermengd met het water dat wordt gebruikt om de boxen te wassen. Het wegwerken van deze gier, of vloeibare mest, is een belangrijk milieuprobleem geworden. Wanneer vloeibare mest op de bodem wordt gebracht, verdampt een groot deel van de stikstof in de vorm van stikstofoxide of N2O, een broeikasgas dat 300 keer krachtiger is dan koolstofdioxide. Een ander deel wordt omgezet in nitraten (NO3), die door de bodem sijpelen en het grondwater verontreinigen. Terwijl mest vroeger een cruciale hulpbron was, is het nu een afvalproduct en een kostenpost voor de landbouwers geworden.

Een beter gebruik van dierlijk afval zal van cruciaal belang zijn voor de toekomst van ons voedsel. Een belangrijke factor is het gebrek aan organisch materiaal en goede microben in de bodem, die kunnen helpen stikstof vast te leggen en langzamer vrij te geven ten voordele van de gewassen.

Om oplossingen te vinden die voor de landbouwers financieel haalbaar zijn, zullen de beste idee√ęn moeten worden uitgewisseld, met bijdragen van landbouwers, bodemwetenschappers, microbiologen, ecologen, chemische en mechanische ingenieurs en sociale wetenschappers.

Praktijken die helpen bij de opbouw van koolstof in de bodem zullen van cruciaal belang zijn om de milieueffecten van dierlijke mest en meststoffen te verminderen. Het is bekend dat ploegen een nadelig effect heeft op het organisch materiaal in de bodem, aangezien het de oxidatie van koolstof in de bodem induceert. Verminderde grondbewerking of nulgrondbewerking voor de teelt van gewassen, en regeneratieve landbouw om de veehouderij duurzamer te maken, worden in de VS en andere delen van de wereld gestimuleerd en toegepast, en zouden in Europa intensiever kunnen worden onderzocht.

Ook zullen de micro-organismen in de bodem nieuw leven moeten worden ingeblazen, aangezien deze ernstig zijn aangetast door het gebruik van landbouwchemicali√ęn en de verminderde beschikbaarheid van organisch materiaal in de bodem. De dure machines die momenteel door dienstverleners worden gebruikt om vloeibare mest over de akkers van de landbouwers uit te strooien of te injecteren, zouden ook kunnen worden gebruikt om oplossingen met goede micro-organismen te injecteren die stikstof helpen vastleggen om het vervolgens aan de gewassen af te geven, en een gezonde bodem op te bouwen.

Menselijke creativiteit zal nodig zijn om in de nabije toekomst oplossingen te vinden die economisch haalbaar zijn voor landbouwers. Om dit zo snel mogelijk te laten gebeuren, zijn meer investeringen nodig in onderzoek dat de fundamentele problemen echt aanpakt. Nog steeds wordt veel te veel overheidsgeld ge√Įnvesteerd in onderzoek naar nieuwe gewasvari√ęteiten, veevoer en de toepassing van landbouwchemicali√ęn, die allemaal in het voordeel zijn van grote bedrijven.

Good microbes from South Asia to South America May 29th, 2022 by

Vea la versi√≥n en espa√Īol a continuaci√≥n

Lifeless soil, worn out by years of tillage and chemical fertilizer, can be brought back to good health with the help of beneficial micro-organisms. A video on that topic, Good microbes for plants and soil, tells how to make a liquid, which is rich in beneficial microbes, that you can apply to your soil and crops. It was filmed in India and is now available in 23 languages, including Spanish.

Diego Mina and Mayra Coro are researchers working closely with smallholder communities in the province of Cotopaxi, Ecuador, where they showed the Spanish version of the microbe video to several groups. Then, Diego and Mayra sent the video to each farmer on WhatsApp, and followed up with a demonstration, where they mixed raw sugar, cow urine, manure and legume flour in a bucket, and fermented it.

One of those farmers was Blanca Chancusig, who has a small farm with maize and guinea pigs, rabbits, a pig and a few dairy cows. Do√Īa Blanca explained how she strained the mix and poured it into recycled plastic bottles. She mixed one liter to 10 liters of water and sprayed it on her maize and lupine crop.

She likes the results so much that she‚Äôs now making it on her own. ‚ÄúWe have all of the ingredients,‚ÄĚ she says.

The recipe in the video calls for chickpea flour, which is common in India, but rare in Ecuador. So Diego and Mayra adapted, explaining to farmers that they could use the flour of any legume, such as broad bean.

‚ÄúThe broad bean flour was the only ingredient we didn‚Äôt have,‚ÄĚ do√Īa Blanca explained, ‚Äúbut we found some.‚ÄĚ

A year after do√Īa Blanca had seen the Indian video, she was still cultivating good microbes on her own, in Ecuador.

I was in Ecuador with Paul and Marcella, filming a video on beneficial insects, featuring do√Īa Blanca and other farmers. We asked her what she thought about watching a video with farmers from other countries. ‚ÄúI thought it was great. I learned a lot,‚ÄĚ she said.

Bureaucrats often tell us that farmers can’t learn from their peers in other countries, mistakenly claiming that videos have to be made over again in each country. Supposedly, farmers can only learn from their own compatriots.

As this example shows, as long as videos are well made, explain principles and are translated into local languages, farmers can learn from innovative smallholders in other countries. Creative agronomists can also facilitate videos, sharing them and helping farmers adapt concepts.

In some ways, it makes more sense to share videos from different countries than from one’s own country, because the ideas are more novel.

Last February, we were in Ecuador filming a video on flowering plants to encourage beneficial insects. It is now available in English, and there may soon be versions in languages of India, which will let South Asian farmers enjoy learning from farmers in South America.

Related Agro-Insight blogs

Farmers without borders

Earthworms from India to Bolivia

 

Related videos

Flowering plants attract the insects that help us

The wasp that protects our crops

Good microbes for plants and soil

Healthier crops with good micro-organisms

Buenos microbios, del sur de Asia a Sudamérica

Jeff Bentley, 29 de mayo del 2023

El suelo sin vida, desgastado por a√Īos de labranza y fertilizantes qu√≠micos, puede recuperar su salud con la ayuda de microorganismos buenos. Un video sobre este tema, Buenos microbios para plantas y suelo, explica c√≥mo hacer un l√≠quido rico en microbios ben√©ficos que puede aplicarse a la tierra y a los cultivos. Se film√≥ en la India y ahora est√° disponible en 23 idiomas, incluido el espa√Īol.

Diego Mina y Mayra Coro son investigadores que trabajan en estrecha colaboraci√≥n con las comunidades de peque√Īos agricultores de la provincia de Cotopaxi (Ecuador), donde mostraron la versi√≥n en espa√Īol del video sobre los microbios a varios grupos. Luego, Diego y Mayra enviaron el video a cada agricultor por WhatsApp, y siguieron con una demostraci√≥n, en la que mezclaron az√ļcar cruda, or√≠n de vaca, esti√©rcol y harina de leguminosas en un balde, y lo fermentaron.

Una de esas agricultoras era Blanca Chancusig, que tiene una peque√Īa granja con ma√≠z y cuyes, conejos, un cerdo y algunas vacas lecheras. Do√Īa Blanca explic√≥ c√≥mo colaba la mezcla y la vert√≠a en botellas de pl√°stico recicladas. Mezcla un litro con 10 litros de agua y lo fumiga en su cultivo de ma√≠z y chocho (lupino).

Le gust√≥ tanto el resultado que ahora ella misma hace la mezcla. “Tenemos todos los ingredientes”, dice.

La receta del video requiere harina de garbanzo, que es com√ļn en la India, pero no en Ecuador. As√≠ que Diego y Mayra se adaptaron, explicando a los agricultores que pod√≠an usar la harina de cualquier leguminosa, como la de haba.

“La harina de haba era el √ļnico ingrediente que no ten√≠amos”, explic√≥ do√Īa Blanca, “pero lo encontramos”.

Un a√Īo despu√©s de que do√Īa Blanca viera el video de la India, segu√≠a cultivando buenos microbios por su cuenta, en Ecuador.

Yo estaba en Ecuador con Paul y Marcella, filmando un video sobre insectos ben√©ficos, con do√Īa Blanca y otros agricultores. Le preguntamos qu√© le parec√≠a ver un video con agricultores de otros pa√≠ses. “Me pareci√≥ excellente. Aprend√≠ mucho”, dijo.

Los bur√≥cratas suelen decirnos que los agricultores no pueden aprender de sus compa√Īeros de otros pa√≠ses, insistiendo equivocadamente que los videos tienen que hacerse de nuevo en cada pa√≠s. Supuestamente, los agricultores s√≥lo pueden aprender de sus propios compatriotas.

Como muestra este ejemplo, siempre que los videos estén bien hechos, expliquen los principios básicos y se traduzcan a las lenguas locales, los agricultores pueden aprender de los campesinos innovadores de otros países. Los agrónomos creativos también pueden facilitar los videos, compartiéndolos y ayudando a los agricultores a adaptar los conceptos.

En cierto modo, tiene más sentido compartir videos de otros países que del propio, porque las ideas son más novedosas.

El pasado mes de febrero, estuvimos en Ecuador filmando un video sobre plantas con flores que protegen a los insectos buenos. Ahora está disponible en castellano, kichwa, inglés y francés, y es posible que pronto haya versiones en idiomas de la India, lo que permitirá a los agricultores del sur de Asia disfrutar del aprendizaje de los agricultores de Sudamérica.

Related Agro-Insight blogs

Farmers without borders

Lombrices de tierra de India a Bolivia

Related videos

Las plantas con flores atraen a los insectos que nos ayudan

La avispa que protege nuestros cultivos

Buenos microbios para plantas y suelo

Healthier crops with good micro-organisms

 

Farming as a lifestyle May 1st, 2022 by

Nederlandse versie hieronder

In the Andes mountains of Peru, cattle and sheep are part of many rural families’ livelihoods. Large landowners used to own haciendas, large farms and ranches, often spanning an area of several villages. But during the land reform of the 1990s the haciendas were divided up among the families who worked the land. Some of the extensive grazing lands were given to community associations. Today, many people in the communities own a few hectares of private land. Besides grazing their animals on their private paddocks, during part of the year they also let their animals graze on communal land.

During our filming trip, Marcella, Jeff and I spent a week interacting with farmers in the village of Canrey Chico, at about 3,200 meters above sea level. We learned that the community association regulates its communal grazing land carefully, through various local committees: some in charge of managing fences, others deal with managing the pasture, or selling the milk of the 58 community cows. On top of these, individual families own their own cows, about 550, an average of 6 cows per family. To avoid overgrazing, a household is not allowed to own more than 25 cows.

One day, we drove up the rocky road to visit farmers in what locals call the high country. At over 4,300 meters, the vegetation is much drier: patches of dried ichu, or needle grass, dot the rocky soil. Lichens and some delicate flowers become apparent only when one takes a closer look. Driving through a river with crystal clear water and breath-taking landscapes with snow-capped mountains lining the horizon, we wonder where we are heading. Then, all of a sudden, after having crossed another slope, we spot a small farmhouse with a green field that turns out to be oats on closer inspection..

Robert Balabarca, president of the Cordillera Blanca farmers’ association, who is our local guide, quickly notices that no one is at home. There is no telephone signal and the farmer whom we were supposed to meet has already left with his herd. This is a good reminder that farmers anywhere in the world are busy people, and one should never be late to an appointment. (We had spent more time than we had bargained for earlier that morning, admiring some native forest trees planted by the community to stop wind erosion). As we wonder what to do, Robert spots a woman with  a flock of sheep in the distance. With a little effort, we finally see them, too.  We start walking towards the flock with all our filming gear, crossing various bofedales, high Andean wetlands, where the stones are slippery with moss and the water is cold and can quickly fill your boots. We find the landscape difficult to walk through, but the shepherdess, Trinidad León moves her animals quickly through it and invites us to follow her to her house.

I notice a small dome-shaped, woven structure raised on wooden poles and I wonder what this is for, to be told that this is their cupboard where they keep their bread, cheese and other food, out of reach of animals.

Before we interview Trinidad on camera, she explains how they manage their dairy cows and sheep. Although they bought a small house in Huaraz, the nearest city, to send their children to secondary school, the couple has been living permanently in the countryside for 30 years, leading a simple life. They are one of the few families living on the communal land.

Trinidad and her husband keep their animals overnight in a corral, where the animals defecate and urinate, forming a thick crust of organic fertilizer. After 2 to 3 months, the family makes a corral in a different place, ploughs the manure into the soil and plants oats and barley as green fodder. The water that flows nearby helps to irrigate the plot in the dry season. Every day, they cut some fodder to feed the animals a nutritious meal when they return from grazing. After cutting all the green fodder, they let the animals graze on the stubble, while planting more fodder in a different corral. Jeff and I are intrigued by this highly creative way of ensuring fodder throughout the year, so we decide to capture all this on video to inspire farmers in other parts of the world.

‚ÄúMy sheep are nice and fat and ready to be sold,‚ÄĚ says Trinidad, while we give her a lift to town. When I ask her how she manages to get her sheep to town, she says that either people come with a truck to buy animals, or she walks them to the nearest village some 10 kilometres away, where she can load a few sheep onto a rural bus, going to the city.

This visit has shown once more how farming is not just a profession, but a functional lifestyle that some people are keen to preserve. Small-scale farming allows some people to live in a place they love, educate their children, and produce attractive products, like sheep and cheese, that city people want to buy.

Related Agro-Insight blogs

You can’t kill your weeds and eat them too

Choosing to farm

Dung talk

To fence or not to fence

Caring for animals, with plants

Veterinarians and traditional animal health care

Acknowledgements

The visit to Peru to film various farmer-to-farmer training videos with farmers like Trinidad was made possible with the kind support of the Collaborative Crop Research Program (CCRP) of the McKnight Foundation. Thanks to Vidal Rond√°n of the Mountain Institute for introducing us to the community.

Videos on how to improve livestock

See the many training videos on livestock hosted on the Access Agriculture video platform.

 

Landbouw als levensstijl

In het Andesgebergte in Peru zijn runderen en schapen een onderdeel van het levensonderhoud van veel plattelandsgezinnen. Vroeger waren grootgrondbezitters eigenaar van haci√ęnda’s, grote boerderijen en ranches, die vaak een gebied van meerdere dorpen besloegen. Maar tijdens de landhervorming van de jaren ’90 werden de haciendas verdeeld onder de families die het land bewerkten. Sommige van de uitgestrekte weidegronden werden aan gemeenschapsverenigingen gegeven. Tegenwoordig bezitten veel mensen in de dorpen een paar hectare priv√©-land. Naast het weiden van hun dieren op hun priv√©weiden, laten zij hun dieren gedurende een deel van het jaar ook grazen op gemeenschapsgronden.

Tijdens onze filmreis hebben Marcella, Jeff en ik een week lang contact gehad met boeren in het dorp Canrey Chico, op ongeveer 3.200 meter boven zeeniveau. We leerden dat de gemeenschapsvereniging haar gemeenschappelijke weidegronden zorgvuldig regelt, via verschillende lokale comités: sommigen zijn belast met het beheer van omheiningen, anderen houden zich bezig met het beheer van de weides, of met de verkoop van de melk van de 58 gemeenschappelijke koeien. Daarnaast hebben individuele gezinnen hun eigen koeien, ongeveer 550, een gemiddelde van 6 koeien per gezin. Om overbegrazing te voorkomen, mag een gezin niet meer dan 25 koeien bezitten.

Op een dag reden we de rotsachtige weg op om boeren te bezoeken in wat de plaatselijke bevolking het hoogland noemt. Op een hoogte van meer dan 4.300 meter is de vegetatie veel droger: op de rotsige bodem groeien opgedroogde ichu, of naaldgras. Korstmossen en enkele tere bloemen worden pas duidelijk als je beter kijkt. Rijdend door een rivier met kristalhelder water en adembenemende landschappen met besneeuwde bergtoppen aan de horizon, vragen we ons af waar we heen gaan. Dan, plotseling, na weer een helling te hebben overgestoken, zien we een kleine boerderij met een groen veld dat van dichterbij haver blijkt te zijn.

Robert Balabarca, voorzitter van de boerenvereniging van de Cordillera Blanca, die onze plaatselijke gids is, merkt al snel dat er niemand thuis is. Er is geen telefoonsignaal en de boer die we zouden ontmoeten is al vertrokken met zijn kudde. Dit is een goede herinnering aan het feit dat boeren overal ter wereld drukbezette mensen zijn, en dat je nooit te laat op een afspraak moet komen. (We hadden eerder die ochtend meer tijd doorgebracht dan we hadden verwacht, toen we enkele inheemse bomen bewonderden die door de gemeenschap waren geplant om winderosie tegen te gaan). Terwijl we ons afvragen wat we moeten doen, ziet Robert in de verte een vrouw met een kudde schapen. Met een beetje moeite zien wij ze eindelijk ook.  Met al onze filmspullen beginnen we naar de kudde toe te lopen, dwars door verschillende bofedales, hooggelegen wetlands in de Andes, waar de stenen glibberig zijn van het mos en het water koud is en je schoenen snel vol kunnen lopen. We vinden het landschap moeilijk begaanbaar, maar de herderin, Trinidad León beweegt haar dieren er snel doorheen en nodigt ons uit haar te volgen naar haar huis.

Ik zie een kleine koepelvormige, gevlochten structuur op houten palen staan en vraag me af waar dit voor is, om te horen te krijgen dat dit hun kast is waar ze hun brood, kaas en ander voedsel bewaren, buiten het bereik van dieren.

Voordat we Trinidad voor de camera interviewen, legt ze uit hoe ze met hun melkkoeien en schapen omgaan. Hoewel ze een huisje kochten in Huaraz, de dichtstbijzijnde stad, om hun kinderen van secundair onderwijs te laten genieten, leven het echtpaar reeds 30 jaar permanent op het platteland om een eenvoudig leven te leiden. Ze zijn een van de weinige families die op het gemeenschapsland wonen.

Trinidad en haar man houden hun dieren ‘s nachts in een kraal, waar de dieren zich ontlasten en urineren en zo een dikke korst organische meststof vormen. Na 2 tot 3 maanden maakt de familie een kraal op een andere plaats, ploegt de mest in de grond en plant haver en gerst als groenvoeder. Het water dat in de buurt stroomt, helpt om het perceel in het droge seizoen te irrigeren. Elke dag snijden ze wat groenvoer om de dieren een voedzame maaltijd te geven als ze terugkomen van het grazen. Nadat al het groenvoer is gemaaid, laten ze de dieren grazen op de stoppels, terwijl ze in een andere kraal meer voer planten. Jeff en ik zijn ge√Įntrigeerd door deze uiterst creatieve manier om het hele jaar door voor veevoer te zorgen, dus besluiten we dit alles op video vast te leggen om boeren in andere delen van de wereld te inspireren.

“Mijn schapen zijn lekker dik en klaar om verkocht te worden,” zegt Trinidad, terwijl we haar een lift naar de stad geven. Als ik haar vraag hoe ze haar schapen naar de stad krijgt, zegt ze dat er ofwel mensen met een vrachtwagen komen om dieren te kopen, of dat ze ze naar het dichtstbijzijnde dorp zo’n 10 kilometer verderop brengt, waar ze een paar schapen op een plattelandsbus kan laden, die naar de stad gaat.

Dit bezoek heeft eens te meer aangetoond dat landbouw niet zomaar een beroep is, maar een functionele levensstijl die sommige mensen graag in stand willen houden. Kleinschalige landbouw stelt sommige mensen in staat te leven op een plek waar ze van houden, hun kinderen op te voeden, en aantrekkelijke producten te produceren, zoals schapen en kaas, die stadsmensen willen kopen.

Design by Olean webdesign