WHO WE ARE SERVICES RESOURCES




Most recent stories ›
AgroInsight RSS feed
Blog

The cherry on the pie July 2nd, 2023 by

Nederlandse versie hieronder

Conserving traditional varieties for future generations is worthwhile, yet challenging, especially when it comes to fruit trees, as my wife Marcella and I learned on a recent visit to the castle of Alden Biezen, in Belgium, where for the 20th year a special ā€œCherryā€ event was organized.

On the inner court of the 16th-century castle, in the municipality of Bilzen in the province of Limburg, Belgium, various local organizations had installed information booths, on bee-keeping, the juice mobile and traditional fruit varieties.

Belgium wouldnā€™t be Belgium if there werenā€™t also stands where you could taste cherry beer and local delicacies, such as thick pancakes stuffed with cherries. Information boards along the pathway offered interesting stories, testimonials and in-depth knowledge of late and retired cherry farmers.

As the temperature that Sunday rose to 31 degrees Celsius, we were happy that the organisers had installed a temporary exhibition in one of the castle halls. It was amazing to see so many cherry varieties on display, from pale yellow to deep red and almost black. We also learned that the cherry stems, which we normally discard on the compost pile, have anti-inflammatory and other medicinal properties, when dried and used in tea.

The real highlight was the guided tour by Paul Van Laer, coordinator at the non-profit association the National Orchard Foundation (Nationale Boomgaardenstichting). On the sloping grounds of the castle, the association had planted several hectares of traditional varieties of cherry trees to conserve the genetic diversity as well as the knowledge to grow them. Already six years ago, we were so inspired by the work of the Foundation that we bought about 30 young trees of traditional apple, pear, plum and cherry varieties from them to plant at home in our pasture.

Standing on a typical ladder used to pick cherries, Paul passionately speaks to the visitors. With his life-long experience he can tell stories about every single variety. Encouraging citizens to plant traditional fruit tree varieties helps to ensure that the genetic diversity is conserved in as many different locations as possible. And it quickly dawns on us how important this strategy is.

Paul points to the field where tall-stemmed cherry trees were planted about 20 years ago. We are all shocked to see that most of the trees had died. ā€œWhen you plant tall-stemmed varieties, you can normally harvest cherries for the next 70 years,ā€ Paul explains, ā€œbut with the disturbed climate that we are witnessing the past decade, many trees cannot survive. We used to have more than 80 cherry varieties, but we are really struggling to keep them alive.ā€ Heat stress, droughts, floods and new pests that have arrived with the changing climate (and without their natural enemies), such as the Asian fruit fly (Drosophilla suzukii), have made it so that current commercial farmers only grow cherries under highly controlled environments.

One of the visitors is curious to know whether, given the many challenges, it is still worthwhile to plant a cherry tree in your garden. ā€œWhen you live away from commercial farm or orchards where lots of cherry trees are grown, there is less presence of the fruit fly. Also, if you only have a few fruit trees around your house, you can easily water them, if need be,ā€ says Paul. For the National Orchard Foundation, having people grow cherry trees back home may become increasingly important in the long run.

As cherry trees are affected by the disturbed climate, gardeners and smallholders who have space could plant a single tree. Not only it would contribute to conserve the genetic diversity, it will also give you some delicious cherries to put on your pie.

Related blogs

European deserts, coming soon

The juice mobile

Training trees

Ignoring signs from nature

When the bees hit a brick wall

A farm in the city

 

De kers op de taart

Het behoud van traditionele variĆ«teiten voor toekomstige generaties is de moeite waard, maar ook een uitdaging, vooral als het gaat om fruitbomen, zoals mijn vrouw Marcella en ik leerden tijdens een recent bezoek aan het kasteel van Alden Biezen, in BelgiĆ«, waar voor het 20e jaar een speciaal “Kersen” evenement werd georganiseerd.

Op het binnenplein van het 16e-eeuwse kasteel, in de gemeente Bilzen in de provincie Limburg, Belgiƫ, hadden verschillende lokale organisaties informatiestands ingericht, waaronder ƩƩn over bijenteelt, de sapmobiel en een stand over traditionele fruitsoorten.

Belgiƫ zou Belgiƫ niet zijn als er niet ook stands waren waar je kersenbier kon proeven en lokale lekkernijen, zoals dikke pannenkoeken gevuld met kersen. Informatieborden langs het pad boden interessante verhalen, getuigenissen en diepgaande kennis van overleden en gepensioneerde kersenboeren.

Omdat de temperatuur die zondag opliep tot 31 graden Celsius, waren we blij dat de organisatoren een tijdelijke tentoonstelling hadden ingericht in een van de kasteelzalen. Het was verbazingwekkend om zoveel kersensoorten te zien, van lichtgeel tot dieprood en bijna zwart. We leerden ook dat de kersenstengels, die we normaal gesproken op de composthoop gooien, ontstekingsremmende en andere geneeskrachtige eigenschappen hebben als ze gedroogd worden en in thee worden gebruikt.

Het echte hoogtepunt was de rondleiding door Paul Van Laer, coƶrdinator van de Nationale Boomgaardenstichting. Op het glooiende terrein van het kasteel had de vereniging verschillende hectaren met traditionele variĆ«teiten van kersenbomen geplant om de genetische diversiteit en de kennis om ze te kweken te behouden. Al zes jaar geleden waren we zo geĆÆnspireerd door het werk van de Nationale Boomgaardenstichting dat we ongeveer 30 jonge bomen van traditionele appel-, peren-, pruimen- en kersenrassen van hen kochten om thuis in ons weiland te planten.

Staande op een typische ladder die gebruikt wordt om kersen te plukken, staat Paul de bezoekers hartstochtelijk te woord. Met zijn levenslange ervaring kan hij verhalen vertellen over elke variƫteit. Burgers aanmoedigen om traditionele fruitboomvariƫteiten te planten helpt om de genetische diversiteit op zoveel mogelijk verschillende locaties te behouden. En het wordt ons al snel duidelijk hoe belangrijk deze strategie is.

Paul wijst naar het veld waar 20 jaar geleden hoogstam kersenbomen zijn geplant. We zijn allemaal geschokt als we zien dat de meeste bomen zijn doodgegaan. “Als je hoogstammige variĆ«teiten plant, kun je normaal gesproken de komende 70 jaar kersen oogsten,” legt Paul uit, “maar met het verstoorde klimaat van de afgelopen tien jaar kunnen veel bomen niet overleven. Vroeger hadden we meer dan 80 kersenvariĆ«teiten, maar we hebben echt moeite om ze in leven te houden.” Hittestress, droogte, overstromingen en nieuwe plagen die met het veranderende klimaat zijn gekomen (en zonder hun natuurlijke vijanden), zoals de Aziatische fruitvlieg (Drosophilla suzukii), hebben ervoor gezorgd dat de huidige commerciĆ«le boeren alleen kersen telen in zeer gecontroleerde omgevingen.

Een van de bezoekers is benieuwd of het, gezien de vele uitdagingen, nog steeds de moeite waard is om een kersenboom in je tuin te planten. “Als je niet in de buurt woont van commerciĆ«le boerderijen of boomgaarden waar veel kersenbomen worden gekweekt, is er minder aanwezigheid van de fruitvlieg. Als je maar een paar fruitbomen rond je huis hebt, kun je ze ook gemakkelijk water geven als dat nodig is,” zegt Paul. Voor de Nationale Boomgaarden Stichting kan het op de lange termijn steeds belangrijker worden om mensen thuis kersenbomen te laten kweken.

Omdat kersenbomen worden beĆÆnvloed door het verstoorde klimaat, zouden tuiniers en kleine boeren die ruimte hebben een enkele boom kunnen planten. Het zou niet alleen bijdragen aan het behoud van de genetische diversiteit, maar het zal je ook heerlijke kersen opleveren voor op je taart.

Seeing the life in the soil June 25th, 2023 by

Nederlandse versie hieronder

Earlier, Jeff and I have written various blogs about the importance of soil organic matter and soil life to supportĀ  thriving, sustainable food production. Soils that have many living organisms hold more carbon and nutrients and can better absorb and retain rainwater, all of which are crucial in these times of a disturbed climate.

But measuring life in soils can be a time-consuming activity depending on what one wants to measure. While bacteria and fungi cannot be seen by the naked eye, ants, grubs and earth worms can.

In one of the training videos that we filmed in Bolivia last February, Eliseo Mamani from the PROINPA Foundation, a science and technology organization, shows us meticulously how you can measure the visible soil organisms with farmers. Using a standardised method to measure soil life is important if you want to evaluate how certain farming practices have an effect on the life of your soil.

One early morning, we pick up Ana Mamani and RubƩn Chipana from their homes to take us to a field on the altiplano that has been cultivated for various years and that has not received any organic fertilizer. The farmers of Chiarumani, Patacamaya, about 100 kilometres south of La Paz, have learned through collaborative research that there are more living things in some parts of the field, and fewer in other parts, so they take samples from 3 parts of the field.

With a spade they remove a block of soil 20 centimetres wide, 20 centimetres long and 20 centimetres deep. They carefully put all this soil in a white bag and close it tightly, so that the living things do not escape, because the earthworms and other living things move quickly.

We then drive to another place, where they collect 3 more samples from a field that has received organic fertilizer and where organic vegetables are grown. All samples are put in blue bags, all nicely labelled.

Under the shade of a tree, some more farmers have gathered to start counting the living organisms. One handful of soil at a time, they empty each bag on a plastic tray. As they come across a living creature, they carefully pick it out and report it to Eliseo who takes notes: how many earthworms, how many ants, how many termites, how many beetles, how many spiders and how many grubs.

After an hour, the results are added up and samples compared: there are only many earthworms in the soil from the field that received organic fertilizer. The farmers discuss the findings in group and conclude: If your soil has few living things, you can bring your soil to life by adding animal manure or compost, by leaving crop residues in the field, and not burning them. You can also improve soil life by ploughing less, as ploughing disturbs bacteria, fungi, and animals that add fertility to the soil.

After returning back home from our trip to Bolivia, I am still reflecting on the many things we have learned from farmers and the organisations who do basic, yet relevant research with them, when Marcella points to the fields in front of our office. In March, at the onset of spring, moles are most active. It is striking: the field to the left that hasnā€™t been ploughed or fertilized for several years has many mole hills. The field on the right is intensively managed and does not have a single mole hill. Ploughing reduces organic matter, which is feed for earthworms. Herbicides and pesticides kill soil life, including earthworms. Also, liquid manure, which is used abundantly across Flanders and the Netherlands, can kill earthworms, especially when cows have received antibiotics and other drugs. Liquid manure may also contain heavy metals used for animal feed, such as zinc and copper.

Earthworms can be counted and used as soil health bioindicators. When done in collaborative research with farmer groups this helps farmers understand how certain farming practices affects the health of their soil and the long-term sustainability of their farm. However, if you donā€™t have time to go out with a spade to take soil samples, even above ground indicators such as mole hills can offer a quick alternative.

Acknowledgements

The visit to Bolivia to film various farmer-to-farmer training videos, including this one, was made possible with the generous support of the Collaborative Crop Research Program (CCRP) of the McKnight Foundation. Thanks to the Foundation for the Promotion and Research of Andean Products (PROINPA) who introduced us to the communities, and to Eliseo Mamani in particular who led the soil exercises with the farmers for this video.

Related videos

Seeing the life in the soil

Living windbreaks to protect the soil

Related Agro-Insight blogs

Soil science, different but right

Killing the soil with chemicals (and bringing it back to life)

Commercialising organic inputs

 

Het leven in de bodem zien

Jeff en ik hebben al eerder verschillende blogs geschreven over het belang van organische stof in de bodem en bodemleven om duurzame voedselproductie te ondersteunen. Bodems met veel levende organismen houden meer koolstof en voedingsstoffen vast en kunnen regenwater beter absorberen en vasthouden, wat allemaal cruciaal is in deze tijden van een verstoord klimaat.

Maar het meten van het leven in de bodem kan een tijdrovende bezigheid zijn, afhankelijk van wat men wil meten. Terwijl bacteriƫn en schimmels niet met het blote oog te zien zijn, zijn mieren, larven en regenwormen dat wel.

In een van de trainingsvideo’s die we afgelopen februari in Bolivia hebben gefilmd, laat Eliseo Mamani van PROINPA, een wetenschappelijk en technologisch instituut, nauwkeurig zien hoe je samen met boeren de zichtbare bodemorganismen kunt meten. Het gebruik van een gestandaardiseerde methode om het bodemleven te meten is belangrijk als je wilt evalueren welk effect bepaalde landbouwpraktijken hebben op het bodemleven.

Op een vroege ochtend halen we Ana Mamani en RubƩn Chipana op van hun huis om ons naar een veld op de altiplano te brengen dat al verschillende jaren wordt bewerkt en waar geen organische meststoffen zijn gebruikt. De boeren van Chiarumani, Patacamaya, ongeveer 100 kilometer ten zuiden van La Paz, hebben door gezamenlijk onderzoek geleerd dat er in sommige delen van het veld meer levende wezens zijn en in andere delen minder, dus nemen ze monsters van 3 delen van het veld.

Met een spade halen ze een blok grond weg van 20 centimeter breed, 20 centimeter lang en 20 centimeter diep. Ze doen al deze grond voorzichtig in een witte zak en sluiten deze goed af, zodat de levende wezens niet kunnen ontsnappen, want de regenwormen en andere levende wezens verplaatsen zich snel.

Daarna rijden we naar een andere plek, waar ze nog 3 monsters verzamelen van een veld dat organische mest heeft gekregen en waar organische groenten worden verbouwd. Alle monsters worden in blauwe zakken gedaan, allemaal netjes gelabeld.

Onder de schaduw van een boom hebben zich nog meer boeren verzameld om te beginnen met het tellen van de levende organismen. Een handvol grond per keer legen ze elke zak op een plastic dienblad. Als ze een levend wezen tegenkomen, pikken ze het er voorzichtig uit en rapporteren het aan Eliseo die aantekeningen maakt: hoeveel regenwormen, hoeveel mieren, hoeveel termieten, hoeveel kevers, hoeveel spinnen en hoeveel engerlingen.

Na een uur worden de resultaten opgeteld en de monsters vergeleken: er zitten alleen veel regenwormen in de grond van het veld dat organische mest heeft gekregen. De boeren bespreken de bevindingen in groep en concluderen: Als je bodem weinig levende wezens heeft, kun je je bodem tot leven brengen door dierlijke mest of compost toe te voegen, door gewasresten op het veld te laten liggen en ze niet te verbranden. Je kunt het bodemleven ook verbeteren door minder te ploegen, want ploegen verstoort bacteriƫn, schimmels en dieren die vruchtbaarheid aan de bodem toevoegen.

Na terugkomst van onze reis naar Bolivia ben ik nog steeds aan het nadenken over de vele dingen die we hebben geleerd van boeren en de organisaties die samen met hen eenvoudig, maar relevant onderzoek doen, als Marcella naar de velden voor ons kantoor wijst. In maart, aan het begin van de lente, zijn de mollen het actiefst. Het is opvallend: het veld links, dat al een paar jaar niet geploegd of bemest is, heeft veel molshopen. Het veld rechts wordt intensief beheerd en heeft geen enkele molshoop. Door ploegen vermindert het organisch materiaal, dat voedsel is voor regenwormen. Herbiciden en pesticiden doden het bodemleven, waaronder regenwormen. Ook vloeibare mest, die in heel Vlaanderen en Nederland overvloedig wordt gebruikt, kan regenwormen doden, vooral wanneer koeien antibiotica en andere medicijnen hebben gekregen. Vloeibare mest kan ook zware metalen bevatten die worden gebruikt voor diervoeder, zoals zink en koper.

Regenwormen kunnen worden geteld en gebruikt als bio-indicatoren voor de gezondheid van de bodem. Wanneer dit in samenwerking met boerengroepen wordt gedaan, helpt dit boeren te begrijpen hoe bepaalde landbouwpraktijken de gezondheid van hun bodem en de duurzaamheid van hun boerderij op de lange termijn beĆÆnvloeden. Maar indien je geen tijd hebt om bodemmonsters te nemen met een spade, bieden bovengrondse indicatoren zoals molshopen een snel alternatief.

Bekijk de video

Seeing the life in the soil

European deserts, coming soon June 11th, 2023 by

Nederlandse versie hieronder

Not a single day passes without news of the increasing challenges farmers face in Europe and in much of the world. Rainfall has become more erratic and intense, and heatwaves are becoming the new normal. We should all be concerned about the speed at which climate change is affecting our planet. How we decide to live, what to eat, where to source our food, and how we spend our leisure time cut across all of society: agriculture, industry, tourism, transport, as well as urban planning and rural land use.

According to the main Spanish farmersā€™ association, the Coordinator of Farmersā€™ and Livestock Ownersā€™ Organizations (COAG), drought affects 60% of Spain’s countryside and has destroyed crops across 3.5 million hectares. This is more than double the farm land we have in Belgium and six times that of Flanders.

Three years of very low rainfall and high temperatures have put Spain officially into long-term drought. This year, losses are not limited to wheat, barley and maize, but also expected for nuts, orchards, vineyards, olives, sunflower and vegetable farming. As vegetation is scarce, bees are failing to make honey. Beekeepers are facing a third consecutive season without a harvest. According to a recent CNN article Disappearing lakes, dead crops and trucked-in water, these conditions point to a new reality for parts of Europe, which is warming twice as fast as the global average.

Farms are not the only places in trouble. Municipal water systems are dryer across much of southern Europe. In Italy, in April this year extreme drought was already affecting Lombardy and Piedmont, with 19 towns experiencing the highest level of shortage. Some places have already started receiving water in tanker trucks.

As it takes 15,000 litres of water to produce 1 kilogram of beef and 3,000 litres of water to produce 1 kilogram of cheese, it is no wonder that livestock farming is also at risk. After all, farmers need pasture to feed their animals. When a choice has to be made between ensuring drinking water for its citizens or irrigating pasture and crops to feed animals, governments usually favour cities over farms, but countries need both.

Often governments come up with short-term solutions, such as asking people to stop watering their lawns or washing their cars, instead of planning for long-term measures to conserve water. Different food and fodder crops (and combinations) need to be promoted; more trees and living hedges need to be planted in and around fields to reduce evaporation by the hot sun and dry winds. Above all, measures are needed to store more carbon in the soil.

Enabling citizens to have online access to real-time monitoring of the depth of the groundwater, a natural resource that is invisible, could help to sensitise all of us about the need to conserve water.Ā  Groundwater drops quickly due to continuous pumping yet rises only slowly as it is recharged by rainwater from the surface. While monitoring is needed, let us not be naĆÆve and think that when the groundwater table is recharged, households, industry and farming can go back to using water in an unlimited way. Already in rural Belgium, even though we had the wettest spring since records began to be kept in 1833, in the countryside we see many old oak trees suffering from the three previous years of water and heat stress.

In many European countries, agricultural lobby groups aggressively sustain their opinion that the livestock sector should not shrink in order to survive. With all that is happening, how long will they be able to continue taking such an unrealistic position? Animals can be properly fed with technologies that use water and fossil fuels more efficiently , but technological solutions also have their limitations. If lobby groups do not help their members to adapt, the climate will soon dictate what is possible and what is not. The changes we see in southern Europe should set off alarms in the north as well.

If we are unable to quickly and drastically curb greenhouse gas emissions and invest in an agriculture that helps to cool the planet, rather than deplete its natural resources, we will soon no longer need to fly to the Sahara to see a desert. Climate refugees will come from Southern Europe, and we will scratch our heads and wonder why many of our favourite food products are no longer available or affordable.

Sources

Bertelli, Michele. 2023. ‘No water, no life’: Drought threatens farmers and food in Italy. https://www.context.news/climate-risks/no-water-no-life-drought-threatens-farmers-and-food-in-italy

CNN. 2023. Disappearing lakes, dead crops and trucked-in water: Drought-stricken Spain is running dry. https://edition.cnn.com/2023/05/02/europe/spain-drought-catalonia-heat-wave-climate-intl/index.html

Related Agro-Insight blogs

The times they are a changing

Capturing carbon in our soils

Gabe Brown, agroecology on a commercial scale

HuĢˆgelkultur

Rotational grazing

Soil for a living planet

A revolution for our soil

Recovering from the quinoa boom

From soil fertility to cheese

Creativity of the commons

Killing the soil with chemicals (and bringing it back to life)

The nitrogen crisis

Farmer learning videos on adaptation to climate change

Improved pasture for fertile soil

Rotational grazing

Living windbreaks to protect the soil

Mulch for a better soil and crop

Hydroponic fodder

Intercropping maize with pigeon peas

Growing azolla for feed

Water usersā€™ associations

Drip irrigation for tomato

Pitcher irrigation

 

Europese woestijnen, binnenkort

Er gaat geen dag voorbij zonder nieuws over de toenemende uitdagingen waar boeren in Europa en een groot deel van de wereld voor staan. Regenval is grilliger en intenser geworden en hittegolven worden het nieuwe normaal. We zouden ons allemaal zorgen moeten maken over de snelheid waarmee klimaatverandering onze planeet beĆÆnvloedt. De manier waarop we besluiten te leven, wat we eten, waar we ons voedsel vandaan halen en hoe we onze vrije tijd doorbrengen, heeft invloed op de hele maatschappij: landbouw, industrie, toerisme, transport, maar ook stadsplanning en landgebruik op het platteland.

Volgens de belangrijkste Spaanse boerenorganisatie COAG treft de droogte 60% van het Spaanse platteland en heeft het gewassen vernietigd op 3,5 miljoen hectare. Dat is meer dan het dubbele van de landbouwgrond in Belgiƫ en zes keer zoveel als in Vlaanderen.

Drie jaar van zeer weinig neerslag en hoge temperaturen hebben Spanje officieel in langdurige droogte gebracht. Dit jaar blijven de verliezen niet beperkt tot tarwe, gerst en maĆÆs, maar worden ook verliezen verwacht voor noten, boomgaarden, wijngaarden, olijven, zonnebloemen en de groenteteelt. Omdat de vegetatie schaars is, lukt het bijen niet om honing te maken. Imkers worden geconfronteerd met een derde opeenvolgend seizoen zonder oogst. Volgens een recent CNN-artikel Verdwijnende meren, dode gewassen en aangevoerd water wijzen deze omstandigheden op een nieuwe realiteit voor delen van Europa, dat twee keer zo snel opwarmt als het wereldwijde gemiddelde.

Niet alleen boerderijen hebben problemen. Gemeentelijke watersystemen drogen in een groot deel van Zuid-Europa uit. In Italiƫ werden Lombardije en Piemonte in april van dit jaar al getroffen door extreme droogte, waarbij 19 steden te kampen hadden met het grootste tekort. Sommige plaatsen zijn al begonnen met het aanvoeren van water in tankwagens.

Aangezien er 15.000 liter water nodig is om 1 kilo rundvlees te produceren en 3.000 liter water om 1 kilo kaas te produceren, is het geen wonder dat ook de veehouderij gevaar loopt. Boeren hebben immers weiland nodig om hun dieren te voeden. Als er een keuze moet worden gemaakt tussen het veiligstellen van drinkwater voor de burgers of het irrigeren van weilanden en gewassen om dieren te voeden, geven regeringen meestal de voorkeur aan steden boven boerderijen, maar landen hebben beide nodig.

Vaak komen regeringen met kortetermijnoplossingen, zoals mensen vragen om te stoppen met het besproeien van hun gazons of het wassen van hun auto’s, in plaats van langetermijn maatregelen te plannen om water te besparen. Verschillende voedsel- en voedergewassen (en combinaties daarvan) moeten worden gepromoot; er moeten meer bomen en levende heggen worden geplant in en rond akkers om de verdamping door de hete zon en droge wind te verminderen. Bovenal zijn er maatregelen nodig om meer koolstof in de bodem op te slaan.

Door burgers online toegang te geven tot realtime monitoring van de diepte van het grondwater, een natuurlijke hulpbron die onzichtbaar is, kunnen we ons allemaal bewust worden van de noodzaak om water te besparen.Ā  Grondwater daalt snel als gevolg van voortdurend pompen, maar stijgt slechts langzaam als het wordt aangevuld door regenwater van het oppervlak. Hoewel monitoring nodig is, moeten we niet naĆÆef zijn en denken dat wanneer het grondwaterpeil weer wordt aangevuld, huishoudens, industrie en landbouw weer onbeperkt water kunnen gebruiken. Hoewel we in BelgiĆ« de natste lente sinds het begin van de metingen in 1833 hebben gehad, zien we op het platteland al veel oude eikenbomen die lijden onder de drie voorgaande jaren van water- en hittestress.

In veel Europese landen houden landbouwlobbygroepen agressief vol dat de veehouderij niet mag inkrimpen om te overleven. Hoe lang kunnen ze zo’n onrealistisch standpunt blijven innemen, nu er zoveel gebeurt? Dieren kunnen goed gevoed worden met technologieĆ«n die efficiĆ«nter gebruik maken van water en fossiele brandstoffen, maar technologische oplossingen hebben ook hun beperkingen. Als lobbygroepen hun leden niet helpen om zich aan te passen, zal het klimaat snel dicteren wat mogelijk is en wat niet. De veranderingen die we in Zuid-Europa zien, zouden ook in het noorden alarmbellen moeten doen rinkelen.

Als we er niet in slagen om de uitstoot van broeikasgassen snel en drastisch te beperken en te investeren in een landbouw die de planeet helpt afkoelen in plaats van haar natuurlijke hulpbronnen uit te putten, dan hoeven we binnenkort niet meer naar de Sahara te vliegen om een woestijn te zien. Klimaatvluchtelingen zullen uit Zuid-Europa komen en wij zullen ons op het hoofd krabben en ons afvragen waarom veel van onze favoriete voedingsproducten niet meer verkrijgbaar of betaalbaar zijn.

A climate film November 13th, 2022 by

A movie about rural people, filmed with them, in their communities, is rare, even more so when it touches on important topics like climate change.

In the Bolivian film Utama, directed by Santiaga Loayza, the main characters, Virgilio and Sisa are an elderly couple living on the Bolivian Altiplano, in a two-room adobe house. They still love each other, after many years together. Virgilio has never forgiven his son, for moving to the city, years ago. When the coupleĀ“s grandson, ClĆ©ver, comes to visit, the old man is angry. He feels that ClĆ©verā€™s father has sent him to take Virgilio and Sisa to the city.

The stunning photography shows the stark beauty of the hills and mountains rising from the high plains. The characters are believable and authentic. The title, Utama, means ā€œour homeā€ in the Aymara language.

The story takes place near the end of a long drought, exacerbated by climate change. Virgilio, ClƩver and some of the neighbors hike to a mountain top to perform a ritual to bring the rain, which never comes. Some families leave for the city. Virgilio develops an agonizing cough, refuses to let ClƩver take him to the hospital, and dies at home.

The elderly couple is played by JosƩ Calcina and Luisa Quispe, who are married in real life, and are from the community where the movie was filmed, Santiago de Chuvica, in Potosƭ, Bolivia. They were cast because of their obvious affection for each other. This realism is accentuated when the couple speak to each other in Quechua, a native language of Bolivia.

Loayza had previously visited Santiago de Chuvica while making a documentary film. In reality, the village is an outpost for travelers visiting the famous Salar de Uyuni, a giant salt flat, an ancient lake bed surrounded by sparse vegetation.

This is one of the most remote parts of Bolivia, and one of the most marginal environments for agriculture in the world. Quinoa is the only crop that will grow here. Until the mid-twentieth century, local farmers made their living by packing out quinoa on the backs of llamas, to trade for food in other parts of Bolivia. It was an ingenious, and unusual cropping system, based on one crop and one animal.

But as the world gets hotter and dryer, places like Chuvica will only become more stressed.

Although not shown in the movie, some parts of Bolivia are far more favorable to farming, with spring-like weather much of the year, where many crops will grow. People are also leaving these areas for the city. Whole communities are emptying out. In the provincial valleys of Cochabamba it is common to see few homes except for ruined, empty farm houses. The grandparents who lived there may have died, but their heirs are still tilling the fields, commuting from town. Farming is often the most resilient part of rural life, and the last to be abandoned.

Climate change is a real problem, and will turn some people into environmental refugees. But villagers are also leaving more favorable farm country, pulled by the opportunities for jobs, education, health care and commerce in the cities. If rural-to-urban migration is seen as a problem, then country life needs to be made more comfortable, with roads, electricity, potable water, schools and clinics.

At the 2022 Sundance Film Festival Utama won the World Cinema Grand Jury Prize: Dramatic Competition. Ā Hopefully other filmmakers will make more movies on climate change, and on rural life. There are lots more stories to tell.

Previous Agro-Insight blogs

High Andean climate change

Recovering from the quinoa boom

Videos on climate

Recording the weather, also available in Spanish, Quechua and Aymara

Forecasting the weather with an app, also available in Spanish, Quechua and Aymara

Additional reading

SagƔrnaga, Rafael 2022 Alejandro Loayza: Hay que hacer que el mundo escuche tus historias. Los Tiempos 13 Feb pp. 2-3.

El PaĆ­s 2022 ā€˜Utamaā€™, la historia de amor frente al olvido en el Altiplano que sorprendiĆ³ en Sundance

The nitrogen crisis July 3rd, 2022 by

Nederlandse versie hieronder

The European Union, along with most countries across the world, has agreed to reduce the emission of greenhouse gases to curb the negative effects of climate change, which are already apparent. Under the Green Deal, the EU aims to be climate neutral by 2050. Besides investments in more sustainable energy production and consumption (transport, housing ā€¦), further improvements are also needed in the food sector. But there is little consensus on how farmers should be supported.

Looking at the demographic trends in rural Europe, the proposed solutions will need to consider farm size. From 2005 to 2013, across Europe the number of farms with less than 50 hectares of land steadily decreased, while those between 50 and 100 hectares remained more or less stable. Those over 100 hectares slightly increased. Yet more than half of the farming population in Europe is older than 55 years (EuroStat, 2021). Meanwhile, the younger farmers have invested in labour-saving equipment, for example to work the larger holdings, acquiring high debts along the way. Further investment in climate mitigation will require proper support so that when the older farmers retire, the next generation will be able cope with the ever-increasing pressure of bank loans.

The war in Ukraine has triggered a sharp rise in the price of artificial fertilizers, making chemical-based farming less profitable. It is estimated that globally only one third of the applied nitrogen from chemical fertilizers is used by crops. Combined with the mounting pressure on farmers to help mitigate climate change by reducing carbon and nitrogen emissions, farmers are keen to optimise the use of animal manure.

While animal and human manure has been used to keep soils fertile for thousands of years, something has gone wrong in the recent past.

In a German documentary on the Aztecs, called Children of the Sun, ethnologist Antje Gunsenheimer describes some ancient human manure management. The central market in TenochtitlƔn, the Aztec capital, had public toilets where urine and faeces were collected separately in clay pots. Dung traders sold the composted dung as fertilizer, while the urine was used for dying fabric and leather tanning.

From the earliest days of farming in Europe, animals were kept on deep bedding of straw. But nowadays most animals in Europe are kept on a metal grid, and the mix of urine and dung is collected in large, underground reservoirs. When excrement and urine from cows or pigs mix, a lot of methane gas (CH4) and ammonia (NH4) is produced. The old practices of using straw as bedding, as well as innovative designs to separate the dung form the urine, is getting some renewed attention in livestock farming, because when separated, greenhouse gas emissions can be reduced by up to 75%.

Bedding with crop residues such as wheat straw may provide substantial benefits.

Engineers in the Netherlands, the USA, Israel and various other countries are researching how best to adjust modern livestock sheds. Some promising examples include free walk housing systems that operate with composting bedding material or artificial permeable floors as lying and walking areas. Other sustainable techniques that are being explored include the CowToilet, which separates faeces and urine. As converting housing systems may be costly and therefore only adopted slowly by farmers, it is important to also experiment with better ways of applying liquid manure.

In modern livestock systems, urine and manure are mixed with the water used to wash the pens. Getting rid of this slurry, or liquid manure, has become a main environmental concern. When liquid manure is applied to the soil, much of the nitrogen evaporates as nitrous oxide or N2O, a greenhouse gas 300 times more powerful than carbon dioxide. Another fraction is converted to nitrates (NO3), which seep through the soil and pollute the ground water. While manure used to be a crucial resource, it has now become a waste product and an expense for farmers.

Making better use of animal waste will be crucial for the future of our food. One key factor is the lack of soil organic matter and good microbes, that can help capture nitrogen and release this more slowly to benefit crops.

Solutions that are financially feasible for farmers will require the best of ideas, with inputs from farmers, soil scientists, microbiologists, ecologists, chemical and mechanical engineers, as well as social scientists.

Practices that help to build up soil carbon will be crucial to reduce the environmental impact of animal manure and fertilizers. Ploughing is known to have a detrimental effect on soil organic matter, as it induces oxidation of soil carbon. Reduced tillage or zero tillage for crop cultivation, and regenerative farming to make animal farming more sustainable, has been promoted and used in the USA and other parts of the world, and could be explored more intensively in Europe.

Also, there will be a need to revive soil micro-organisms, as these have been seriously affected by the use of agrochemicals and the reduced availability of soil organic matter. The expensive machines that are currently used by service providers to spread or inject liquid manure in farmersā€™ fields could equally be used to inject solutions with good micro-organisms that will help to capture nitrogen to then release it to crops, and build up a healthy soil.

Human creativity will be required to help come up with solutions that are economically feasible for farmers in the near future. To make this happen as fast as possible, more investments are required in research that truly addresses the fundamentals of the problems. Still, far too much public money is invested in research on new crop varieties, livestock feed, and the application of agrochemicals, all of which are to the benefit of large corporations.

Photo credit: The photo on the straw bedding is by Herbert Wiggerman.

More reading

Galama, P. J., Ouweltjes, W., Endres, M. I., Sprecher, J. R., Leso, L., Kuipers, A., Klopčič, M. 2020. Symposium review: Future of housing for dairy cattle. Journal of Dairy Science, 103(6), pp. 5759-5772. Available at: Ā https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0022030220302988

Related blogs

Capturing carbon in our soils

Reviving soils

Effective micro-organisms

A revolution for our soil

Repurposing farm machinery

Related videos

Good microbes for plants and soil

Organic biofertilizer in liquid and solid form

Coir pith

Mulch for a better soil and crop

Vermiwash: an organic tonic for crops

Inspiring platforms

Access Agriculture: hosts over 220 training videos in over 90 languages on a diversity of crops and livestock, sustainable soil and water management, basic food processing, etc. Each video describes underlying principles, as such encouraging people to experiment with new ideas.

EcoAgtube: a social media video platform where anyone from across the globe can upload their own videos related to natural farming and circular economy.

 

De stikstofcrisis

De Europese Unie heeft, samen met de meeste landen in de wereld, afgesproken de uitstoot van broeikasgassen te verminderen om de negatieve gevolgen van de klimaatverandering, die nu al merkbaar zijn, te beperken. In het kader van de Green Deal streeft de EU ernaar tegen 2050 klimaatneutraal te zijn. Naast investeringen in duurzamere energieproductie en -consumptie (vervoer, huisvesting …) zijn ook verdere verbeteringen nodig in de voedselsector. Maar er is weinig consensus over hoe landbouwers moeten worden ondersteund.

Als we kijken naar de demografische tendensen op het Europese platteland, moet bij de voorgestelde oplossingen rekening worden gehouden met de omvang van de landbouwbedrijven. Tussen 2005 en 2013 is in heel Europa het aantal landbouwbedrijven met minder dan 50 hectare gestaag gedaald, terwijl het aantal bedrijven tussen 50 en 100 hectare min of meer stabiel is gebleven. Het aantal bedrijven met meer dan 100 hectare is licht gestegen. Toch is meer dan de helft van de landbouwbevolking in Europa ouder dan 55 jaar (EuroStat, 2021). Ondertussen hebben de jongere boeren geĆÆnvesteerd in arbeidsbesparende apparatuur, bijvoorbeeld om de grotere bedrijven te bewerken, waarbij ze onderweg hoge schulden hebben gemaakt. Voor verdere investeringen in klimaatmitigatie is goede ondersteuning nodig, zodat wanneer de oudere boeren met pensioen gaan, de volgende generatie het hoofd kan bieden aan de almaar toenemende druk van bankleningen.

De oorlog in OekraĆÆne heeft geleid tot een sterke stijging van de prijs van kunstmest, waardoor landbouw op basis van chemische stoffen minder winstgevend is geworden. Bovendien wordt naar schatting wereldwijd slechts een derde van de stikstof uit kunstmest door de gewassen gebruikt. In combinatie met de toenemende druk op landbouwers om de klimaatverandering te helpen beperken door de uitstoot van koolstof en stikstof te verminderen, zijn landbouwers erop gebrand het gebruik van dierlijke mest te optimaliseren.

Hoewel dierlijke en menselijke mest al duizenden jaren wordt gebruikt om de bodem vruchtbaar te houden, is er in het recente verleden iets misgegaan.

In een Duitse documentaire over de Azteken, genaamd Children of the Sun, beschrijft etnologe Antje Gunsenheimer hoe men in de oudheid met menselijke mest omging. De centrale markt in TenochtitlƔn, de Azteekse hoofdstad, had openbare toiletten waar urine en uitwerpselen gescheiden werden opgevangen in kleipotten. Mesthandelaren verkochten de gecomposteerde mest als meststof, terwijl de urine werd gebruikt voor het verven van stoffen en het looien van leer.

Vanaf de begindagen van de landbouw in Europa werden dieren gehouden op een diep strobed. Maar tegenwoordig worden de meeste dieren in Europa op een metalen rooster gehouden, en wordt het mengsel van urine en mest opgevangen in grote, ondergrondse reservoirs. Wanneer uitwerpselen en urine van koeien of varkens zich vermengen, ontstaat er veel methaangas (CH4) en ammoniak (NH4).

De oude praktijk van het gebruik van stro als strooisel en innovatieve ontwerpen om de mest van de urine te scheiden, krijgt hernieuwde aandacht in de veehouderij, omdat bij scheiding de uitstoot van broeikasgassen tot 75% kan worden verminderd.

Bedding with crop residues such as wheat straw may provide substantial benefits.

Ingenieurs in Nederland, de VS, Israƫl en diverse andere landen onderzoeken hoe moderne stallen het best kunnen worden aangepast. Enkele veelbelovende voorbeelden zijn huisvestingssystemen met vrije uitloop die werken met composterend strooiselmateriaal of kunstmatige doorlaatbare vloeren als lig- en loopruimte. Andere duurzame technieken die worden onderzocht zijn onder meer het CowToilet, dat uitwerpselen en urine scheidt. Aangezien het ombouwen van stalsystemen kostbaar kan zijn en daarom slechts langzaam door boeren wordt overgenomen, is het belangrijk om ook te experimenteren met betere manieren om vloeibare mest toe te dienen.

In moderne veeteeltsystemen worden urine en mest vermengd met het water dat wordt gebruikt om de boxen te wassen. Het wegwerken van deze gier, of vloeibare mest, is een belangrijk milieuprobleem geworden. Wanneer vloeibare mest op de bodem wordt gebracht, verdampt een groot deel van de stikstof in de vorm van stikstofoxide of N2O, een broeikasgas dat 300 keer krachtiger is dan koolstofdioxide. Een ander deel wordt omgezet in nitraten (NO3), die door de bodem sijpelen en het grondwater verontreinigen. Terwijl mest vroeger een cruciale hulpbron was, is het nu een afvalproduct en een kostenpost voor de landbouwers geworden.

Een beter gebruik van dierlijk afval zal van cruciaal belang zijn voor de toekomst van ons voedsel. Een belangrijke factor is het gebrek aan organisch materiaal en goede microben in de bodem, die kunnen helpen stikstof vast te leggen en langzamer vrij te geven ten voordele van de gewassen.

Om oplossingen te vinden die voor de landbouwers financieel haalbaar zijn, zullen de beste ideeƫn moeten worden uitgewisseld, met bijdragen van landbouwers, bodemwetenschappers, microbiologen, ecologen, chemische en mechanische ingenieurs en sociale wetenschappers.

Praktijken die helpen bij de opbouw van koolstof in de bodem zullen van cruciaal belang zijn om de milieueffecten van dierlijke mest en meststoffen te verminderen. Het is bekend dat ploegen een nadelig effect heeft op het organisch materiaal in de bodem, aangezien het de oxidatie van koolstof in de bodem induceert. Verminderde grondbewerking of nulgrondbewerking voor de teelt van gewassen, en regeneratieve landbouw om de veehouderij duurzamer te maken, worden in de VS en andere delen van de wereld gestimuleerd en toegepast, en zouden in Europa intensiever kunnen worden onderzocht.

Ook zullen de micro-organismen in de bodem nieuw leven moeten worden ingeblazen, aangezien deze ernstig zijn aangetast door het gebruik van landbouwchemicaliƫn en de verminderde beschikbaarheid van organisch materiaal in de bodem. De dure machines die momenteel door dienstverleners worden gebruikt om vloeibare mest over de akkers van de landbouwers uit te strooien of te injecteren, zouden ook kunnen worden gebruikt om oplossingen met goede micro-organismen te injecteren die stikstof helpen vastleggen om het vervolgens aan de gewassen af te geven, en een gezonde bodem op te bouwen.

Menselijke creativiteit zal nodig zijn om in de nabije toekomst oplossingen te vinden die economisch haalbaar zijn voor landbouwers. Om dit zo snel mogelijk te laten gebeuren, zijn meer investeringen nodig in onderzoek dat de fundamentele problemen echt aanpakt. Nog steeds wordt veel te veel overheidsgeld geĆÆnvesteerd in onderzoek naar nieuwe gewasvariĆ«teiten, veevoer en de toepassing van landbouwchemicaliĆ«n, die allemaal in het voordeel zijn van grote bedrijven.

Design by Olean webdesign